JAMMER DAT HET TE LAAT ONDEKT WAS

Gepubliceerd op 21 juli 2021 om 15:43

⬛️ Ingezonden door: Devi

⚜️JAMMER DAT HET TE LAAT ONTDEKT WAS⚜️
——————————-

Beste OST lezers, Ik heb weer een waargebeurd verhaal voor jullie. Ik hoop dat jullie ervan zullen genieten.

Mijn moeder was jarig en we hadden een paar gasten op bezoek. Mijn moeder houdt van koken, dus “nyang deh” altijd ( er is altijd voldoende te eten ) en de groep die kwam zijn echte torie mangs. Het was op een vrijdag zo een vier of vijf jaar geleden. Ik weet het niet zeker meer.

Tegenwoordig als men een feestje geeft komen de gasten alleen om te eten, drinken en in een hoekje zitten als een muis. Daarna zijn ze weg. Dus na elf uur in de avond wanneer het feest eigenlijk pas goed moet beginnen is een ieder al weg, maar niet deze gasten. Ze bleven tot in de ochtend uren. Het was echt gezellig. Toen ze weggingen zwaaiden we ze uit. Ik liep met mijn nicht mee en haar man tot hun auto. Na dat ze waren weggereden liep ik terug naar mijn huis.

Opeens zag ik een lange magere schaduw die sneller langs me heen zweefde dan ik liep. Ik stopte, want ik dacht van ‘dit kan niet.’ Misschien is het mijn schaduw. Ik keek toen achter me en zag me eigen schaduw. Curvy als ik en niet vormloos en skinny als wat ik net zag. Ik keek toen weer naar die magere schaduw die inmiddels bij mijn vader auto was en daar zweefde. Ik kreeg kippenvel. Ik ging toen rustig naar binnen.

Mijn vader zat achter zijn bureau. Ik zei: ‘Pa, er is iets buiten bij je auto. Je moet wierook branden.’
Die man was gewoon afwezig, dus antwoordde hij me ook op zo een manier: ‘Doe jij het.’
‘Kom met me mee naar buiten,’zei ik. Dus luister, ook al zie ik deze lummels, maar ik ben ook bang. Ik maakte een bundel loban wierook aan en liep ermee naar buiten. Me vader kwam ook met me mee.

Eigenlijk hoe banger ik van iets ben, hoe kwader/slechter dat ding is, want soms zie ik ook geesten waarvan ik helemaal niet schrik of bang voor ben, omdat ze gewoon ronddwalen en/of passeren. Ik kwam bij de auto aan en wierookte binnenin. Een heldere stem zei tegen me: ‘Vlak waar die band is aan de kant van die stuur. Daar moet je doen.’ Terwijl dat stemmetje dat aan me zei, kreeg ik al een beeld waar precies. Net een soort foto krijg ik dit te zien of als een video, maar ik kon niet bewegen. Het was alsof mijn lichaam weigerde mee te werken door mijn angst. Ik vroeg me vader nogmaals om het te doen, maar ook die weigerde. Ik liet het voor wat het was en liep naar binnen.

De volgende ochtend was mijn vader al uit huis, terwijl ik nog in bed lag. Opeens kwam mijn moeder naar mijn kamer. ‘Papa heeft aanrijding gemaakt. Die wagen is total loss.’

Dat was wel vreemd, want hij had een mooie stevige wagen en hij had een brommer aangereden. Plus was het een drukke weg, dus hard heeft hij niet gereden. Maar toch was de schade niet van dien aard dat de auto niet zou kunnen rijden. De ruit was stuk en bumper. De band waar de stuur zat was niet beschadigd, want aan de zijde van de bestuurder was de schade. Nergens anders. Motorisch mankeerde die auto niets (dat zeg ik niet, maar twee monteurs). Mijn vader verkocht de auto voor een appel en ei aan een vriend van hem.

Na een paar dagen belde die vriend mijn vader op. ‘Boyke, ie beng pot wang tapoe of zo in a wagie, want mi sjie two tai-tai in a wagie.’
(Boyke, heb je een bescherming gezet in de auto, want ik zie twee bundeltjes in de auto).

‘No, ie sab mi noh de nanga deng sang dat toch? Fa ding sang ey sjie eruit en pe foe a wagi ding sang beng deh precies? Betre ie no fas ing yere, want a no kang deh wang boeng sang.’
( Nee, je weet dat ik me niet bezig hou met zulke dingen toch? Hoe zien die dingen eruit? En waar van die auto heb je dat precies gezien? Liever raak je het niet aan hoor, want het kan niet een goed iets zijn ).

Mijn vaders vriend vertelde waar de dingen waren. Een was onder de zitting en de andere was in een soort gleuf onderaan in de auto waar die band is bestuurderszijde. Het was zijn geluk dat hij de dingen gevonden heeft toen hij die auto liet schoonmaken en repareren, maar jammer genoeg was het ons niet gegund.

Een luku vrouw, naar wie mijn vader was geweest, vertelde dat de vrouw van mijn moeders broertje het heeft laten doen uit jaloezie en dat de bedoeling was dat mijn vader een zware aanrijding moest maken om of gehandicapt te worden of dood te gaan. Ze was niet vanaf toen bezig, maar dit was al jaren gaande. Ze wilde ons niet vooruit zien gaan. Waarom ze zo jaloers moet zijn weten we echt niet, maar we doen nog normaal tegen hun tot de dag van vandaag.

Ze komen ook nog gewoon thuis op feestjes, ook al zitten ze net dooie ongezellige kamrawintjes in een hoek. Ook al doet ze der dingen nog, maar om ruzie te voorkomen in de familie doen we alsof.

Het mooiste van deze mensen is dat ze ons gewoon uitlachen, omdat we minder hebben dan de rest in de familie, maar….. jaloezie is een ziekte en kent geen geneesmiddel.

⭐️= Het verhaal is geplaatst zoals die ontvangen is.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Maak jouw eigen website met JouwWeb