MIJN JALOERSE COLLEGA

Gepubliceerd op 19 juli 2021 om 15:01

🟩 Ingezonden door: Devi

⚜️MIJN JALOERSE COLLEGA⚜️
—————————

Beste OST lezers,
Ik heb weer een verhaal voor jullie. Deze keer is het een korte en niet zo spooky.

Ik was pas afgestudeerd en ik verlangde ernaar een baan te hebben. Het zou zo heerlijk zijn om eindelijk mijn eigen centjes te verdienen. Ik bad elke dag tot God om mij een goede baan te geven, maar tegelijkertijd was ik wanhopig op zoek naar een en solliciteerde ik als een gek bij elke instantie die ik maar kon bedenken. Geloof me, doe dit niet, tenzij je echt op de plek wilt werken.

Ik vond na een jaar pas een baantje bij een voor mij minder aantrekkelijk bedrijf, maar ik dacht ‘ach, het is alvast iets. Ik kan werkervaring op doen en zo weer ergens anders heen waar ik het leuk vind.’ De eerste dag is zoals gewoonlijk rondleiding en kennismaking, maar mijn eerste indruk was: ‘Jak, zo armzalig en donker ziet het hier eruit!’

Ik had de avond, voordat ik opgebeld werd om te komen werken, ook nog een nachtmerrie gehad dat ik noodgedwongen ben getrouwd met een jongen die helemaal niet mijn type was. We leefden in een klein hok en ik was enorm ongelukkig met hem (hij was lelijk haha). Ik bleef aldoor denken in mijn droom ‘hou vol. Hou vol.’ Datzelfde gevoel die ik in mijn droom had, kreeg ik weer toen ik mijn kantoortje zag. Ik wist meteen dat mijn droom te maken had met mijn baan, maar goed.

Ik was groen als ik weet niet wat dus ik gehoorzaamde als een lammetje (doe dit ook niet hoor. Sta gewoon sterk in je schoenen en ken je rechten). Na mijn eerste dag gingen mijn collega met wie ik zat op een kamer en mijn afdelingshoofd met verlof. Ik was dus alleen op het kamertje. Af en toe kwam mijn chef, maar zo tegen 10u toen ik weer alleen zat had ik het gevoel alsof iets me aan het bestuderen was.

Ik zag in een visioen ook nog wat het was, maar wimpelde de gedachte van me af met: ‘Ik verbeeld me gewoon wat.’ Een dagje ging ik naar een bespreking met mijn leidinggevende. Na een uur of twee toen ik terug kwam zag ik twee van mijn collegas op de gang staan, maar voordat ik ze vroeg wat er aan de hand was hoorde ik al waarover ze het hadden.

Nieuwsgierig en bemoeizuchtig als ik was vroeg ik: ‘Wat is er gebeurt?’. ‘Uhm, niets hoor. Mevrouw Patricia voelde gewoon even wat, maar is niets,’ antwoorde die andere collega. ‘Oh, wat dan? Voelt u zich onwel mevrouw Patricia?’ na even te hebben aangedrongen zei mevrouw Patricia uiteindelijk: ‘Ik voelde iets, toen ik mijn bijbel aan het lezen was kwam iets in mijn kamer. Het is toen weggegaan, maar ik voel het nog op de gang. Kijk zo vreemd he? De gang voelt zo zwaar aan,’ zei ze terwijl ze haar schouders ophaalde om aan te geven hoe zwaar het aanvoelde. ‘ik heb die anderen gevraagd of ze iets gevoeld hebben, maar ze beweren van niet. Het zijn de kinderen van God die de duivel altijd eerst aanvalt.’

Ik zei toen:’mevrouw Patricia, kom met me mee. Dit is wat ik doe.’ Ik bracht haar naar mijn kamer en wees haar psalm 91 in mijn bijbel. Ze zei: ‘Ja, deze ken ik. Ik was al bezig met mijn bijbel.’ Nadat ze weg was liep ik naar mijn matie zijn kamer. ‘Ofa, padre. Heeft mevrouw Patricia jullie gevraagd of jullie iets hebben gevoeld?’ mijn chef en zijn kamergenoot keken me beiden nieuwsgierig en tegelijkertijd verbaasd aan.

‘Nee,’ zeiden ze in koor. Om ze te pesten ( ik weet hoe nieuwsgierig me krobias zijn) maakte ik hun deur dicht om weg te lopen. ‘Ey wachtte! Kom naar binnen.’

‘Doe die deur dicht.’ Ik deed dat. ‘Vertel noh, wat heeft ze gevoeld?’. Ik vertelde hun het verhaal. Ik was nauwelijks klaar met vertellen of me chef zei: ‘Raj, waar zijn die lemmetjes?’
‘Van mij is hier.’ Raj (kamergenoot chef, tevens onze collega. Logica maar ik zeg het expliciet voor die boerkies hihi) haalde een boeng drey lemmetje van ergens. Even niet opgelet vanwaar en me chef ging op zoek naar de zijne.

Die van hem was ook zo droog en gerimpeld als een oude bal. ‘Raj, we moeten verse brengen. Waar is dat florida water?’
Raj: ‘Hebben we?’
‘Oh nee, we hebben wel zeven geesten.’ Het was gewoon rode mistolin hoor, maar deze jokers toch. We hebben nog lol geschopt, totdat het hoofd belde om te vragen wat ons bezielde haha.

Een paar weken gingen voorbij zonder iets noemenswaardig te zijn gebeurd, toen ik naar mevrouw Patricia haar kamertje ging om de intekenlijsten te halen. Haar kamer bevond zich in het achterste gedeelte samen met nog drie andere kamertjes. Op het moment dat ik daar naar toe ging was er niemand. Ik maakte de lichten aan van de gang en ging haar kamer in.

Opeens hoorde ik geklop van binnenuit de wand komen. Heel systematisch…. Knock.... knock….knock. check me in mezelf: ‘Here Jesus.’ Ik ben met de meeste spoed weggegaan. Sotoe law. Later ging een ander collega mw. Maddy, een hele aardige vrouw, naar achteren en toen ze me zag zei ze: ‘ik hoor geklop van ergens, maar steeds gaat dat geluid verder en verder als ik dichterbij kom.

Ik dacht dat mensen aan het verbouwen waren, maar dat is ook niet zo.’
‘geloof me mw. Maddy. Ik heb het ook gehoord van binnenin de wand.’
‘Hmm, heel vreemd hoor.’
Ik vertelde dit ook aan mijn andere collegas. Een van ze zei toen aan me: ‘Het is eind van het jaar (het was de maand december). Dingen gaan lopen nu en mensen gaan hun dingen doen. Soms vinden we hier mandjes met kippenpoten en flessen met rode lintjes. Geloof me Devi, kom pas over achten als de anderen er zijn. Niet wanneer er niemand hier is.’

Intussen vond ik de sfeer aan het werk tussen mij en mijn collega met wie ik op de kamer zat steeds onaangenamer (we noemen haar Krabita in dit verhaal). Ze scheen me tegen te werken en zei opzettelijk dingen om me ‘bang’ te maken. Vandaar dat ik zei dat je gewoon sterk in je schoenen moet staan. Daarnaast had ik aldoor het gevoel dat ik op eierschalen liep. Zo bang voelde ik me.

Ik zat de hele dag met mijn bijbel of was continue bezig te bidden. Op een dag was ik weer alleen. Mijn collega was eerder vertrokken, toen ik een schaduw in de vorm van klein mannetje bij haar bureau zag staan. Het ding bestudeerde me. Wat bleek. Ze had haar ‘dienstknechtje’ achtergelaten om te zien wat ik deed. Ze had het idee dat ze zo belangrijk was dat ik haar besprak met mijn chef.

De chef en ik konden het goed vinden met elkaar, terwijl ze me sinds het begin had opgehitst tegen hem. Desondanks luisterde ik niet naar haar leugens. Vaak zat ik dan bij hem, omdat ik me daar rustig voelde. En dit maakte dat ze dacht dat ik haar besprak met hem, omdat ze hem niet kon ‘uitstaan.’ Realiteit is dat ze verliefd is op hem, maar hij valt jammer genoeg niet op dames als haar. Daarom was ik een doorn in haar oog, omdat hij en ik sinds het begin goed met elkaar konden opschieten. Jaloezie.. jaloezie. Wij waren niet eens verliefd op elkaar, maar goed.

Nu was het bedrijfsluiting en mevrouwtje was met verlof, zoals de meeste collegas. Toen ik aan het werk kwam was het donker en stil. Ik was blij toen ik mw. Maddy haar stem hoorde in haar kamertje. Ik maakte haar deur voorzichtig open. Ze keek op. ‘Goede morgen mw. Maddy.’
‘Goede morgen Devi. Hoe gaat met je?’
‘Goed hoor.’ Ik aarzelde even. Iets in me was bang om alleen de deur van mijn kamer te openen.

Ik durfde gewoon niet. Ik raapte mijn moed bijeen en vroeg: ‘mw. Maddy, wilt u met me naar me kamer? Ik ben bang, maar ik begrijp zelf niet waarom.’ Ze stond op en liep achter me. Ik maakte de deur open en ze stapte zingend met me naar binnen. Opeens hoorde ik haar bidden en bestraffen. ‘Here Jezus, ik roep uw bloed aan over de mensen die hier werken. Ik bestraf de duivel in Jezus naam die onrust brengt op deze plek.’

Ik liep toen naar me bureau, terwijl ze bezig was. ‘Mevrouw Maddy, kijk iets hier!’
‘Mijn gunst, hoe kan dit?’ Mijn pennen, CD’s waren her en der verspreid, maar zo vreemd waren ze gevallen. De vensters in mijn kamer werden nooit opengemaakt en de rekken waren stevig. Welke wind had dit dan veroorzaakt?
‘Vreemd hoor. Ook de manier hoe ze liggen,’zei mevrouw Maddy.

Ze keek me toen aan en zei:
‘Ik wilde vanmorgen niet naar het werk komen, maar ik weet nu waarom de Here me naar het werk heeft laten gaan. Ik ben voor jou gekomen.’
Boi, ik ben die vrouw eeuwig dankbaar hoor. Ik bel haar nog steeds. Ook al werk ik niet meer daar.

Ja, je leest goed. Ik bleef niet lang daar werken. Die werksfeer maakte me ziek. Maanden had ik last van stress en depressies, maar mijn verstand kon dingen niet verwerken. De dingen die gebeurden waren niet logisch. Er gebeurden nog meer dingen hoor, maar ik heb alleen de feiten genoemd die openlijk/zichtbaar zijn. Psychisch vocht ik en het maakte me moe.

Ik huilde elke dag als ik naar het werk moest. Niemand begreep me hoe erg ik het daar had. Iedereen zei: ‘Op elke werkvloer heb je deze dingen.’ Maar toen een vriend van me op bezoek kwam en de sfeer zag zei die aan me: ‘Dev, vraag je overplaatsing aan. De sfeer hier is niet goed. Ik heb slechte dingen meegemaakt aan het werk, maar nooit zo erg.’ Die vriend is mijn enige getuige. Ik wist toen zeker dat ik niet moest blijven.

Heel lang twijfelde ik als het niet aan mij lag. Ik voelde me constant schuldig alsof ik mevrouw Krabita iets heb aangedaan, maar later toen ik weg was en ik langzamerhand geestelijk herstelde zei ik aan mezelf en dat stemmetje die me steeds zei dat ik haar kwaad heb aangedaan: ‘Ik heb haar nooit kwaad gedaan! Integendeel had ik respect voor haar, maar zij heeft dingen tegen me gedaan. Ga weg naar je baas. God is mijn getuige en weet dat mijn hart en ziel rein is.’ Geloof me of niet. Het stopte meteen.

Mijn pastors en moeder hebben veel voor me gebeden. Ik ook, maar ik verzwakte op gegeven moment. Ik was binnen de kortste keren weg van daar en weet je wat? Al mijn andere collegas hadden door waarom ik weg ging. Sommigen vonden het jammer. Sommigen blij, omdat ze me als hun dochter zagen en me veel beter gunden.

Haar hele issue was dat ze jaloers was op me. Iedereen mocht me, alleen Krabita niet en voor het eerst ( dit zeiden mijn andere collegas. Is geen waan van mezelf hoor) was er iemand komen werken tegen wie nooit een klacht was ingediend. Dat was bij haar niet het geval. Ook het feit dat ik jonger en goed geschoold was speelde een rol, maar dat is stom denken. Ik was niemands brood komen stelen, noch hun lover/crush. Ik was niemand pijn komen doen. All I wanted is to work and go home. Ik wilde ook dat iedereen goed met elkaar moest omgaan. Promoties en succes krijgen door middel van kippenpootjes in mandjes leggen is niet mijn stijl.

Update:
Na mijn overplaatsing begon ik, zoals ik zei, me veel rustiger te voelen. Ongeveer anderhalve maand later kreeg ik een droom. In mijn droom kwam ik een goede vriendin tegen me die aan me vroeg om haar te volgen. Ze wilde me iets wijzen. Ik was verbaasd toen ik zag waar ze me heen bracht. Mijn oude werkplek. ‘Kom, ’zei ze en ze liep het gebouw in en uiteindelijk kwamen we op mijn oude kamertje terecht, waar ze tegen me zei: ‘Het is goed dat je weg bent van hier. Hier was niet goed voor je.’ Terwijl ze dat zei zag ik een soort donker gedaante. Iets dat er al jaren was. Ik heb niet mogen zien wat en wie het was, maar het was niet iets goed.

Dagen later belde mw. Maddy mij toevallig op, omdat wij enkele werkzaamheden moesten bespreken en ik vertelde haar over mijn droom. Mw. Maddy was even stil en ze zei dat sinds jaren geleden collega’s middels zwarte magie proberen om vooruit te komen en ook dingen doen. Je weet wel welke dingen…

⭐️= Het verhaal is geplaatst zoals die ontvangen is.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.