STORY 616: DAT MEISJE IN DE STAD

Gepubliceerd op 24 april 2024 om 15:04

🟫 Ingezonden door: M.R

                    ⚜️DAT MEISJE IN DE STAD⚜️
—————————

Lieve OST fans, ik heb een ervaring die ik wil delen over het onafhankelijkheids plein en omgeving.

Het is een tori van enkele jaren geleden, toen er een Phagwa viering was, en die werd op het plein georganiseerd. Er waren bekende artiesten vanuit Nederland en Trinidad gekomen om een show te geven. Er waren uiteraard ook Surinaamse artiesten die kwamen optreden. Mijn vriendin en ik maakten ons klaar om te vertrekken.

Maar we moesten eerst enkele stops maken onderweg, om wat eten op te halen en dan zouden we richting plein rijden. Het was intussen al te laat om een goede parkeerplek te vinden dus hebben we 1 kunnen vinden net achter het kabinet van de president. Er kwam een creoolse heer naar ons toe, die soort van straat ‘parkeerwachter’ type, die beloofde op mijn auto te passen tegen een kleine vergoeding van SRD20, ik kon eerst de helft betalen en bij ophalen van mijn auto de andere helft.

Allemaal geen probleem, we vonden het prima en onze auto stond gelukkig niet ver van het onafhankelijkheidsplein. Later hoefden we dus niet ver terug te lopen.

Wij besloten even een rondje in palmentuin te lopen omdat er daar ook activiteiten gaande waren en die wilden wij ook mee maken. Mijn vriendin zag een jong meisje daar zitten van 6 of 7 jaar oud. Ze was kort, tenger en klein van bouw. We zagen dat ze alleen was en nergens was er een volwassene te bekennen in haar omgeving dus liepen we naar haar toe. Mijn vriendin vroeg haar “wat doe je alleen hier? Waar zijn je ouders? Ben je niet bang zo alleen te lopen in deze drukte?”.

Het meisje keek leek niet zo onder de indruk van ons en ze zei onverschillig “ow, mijn moeder is een pakje melk gaan kopen. Ik wacht hier eventjes tot ze terug is”. Mijn vriendin en ik keken elkaar aan, niet wetend wat we ervan moesten denken. Moesten we met haar blijven wachten of was het onze zaak niet eens? Het kind zag er trouwens niet bang uit en ze was blijkbaar gewend te wachten op haar moeder. Nergens paniek of angst te bekennen als we zo naar haar keken.

Er liepen heel veel mensen langs, maar niemand keek in de richting waar het meisje zat. Misschien waren wij gewoon aan het overdrijven en was niks aan de hand, het meisje was gewoon rustig aan het wachten op haar mams en wij zijn haar gaan lastig vallen, dachten we.

“Laten we maar verder gaan want anders mis ik al die activiteiten, dat kind haar moeder zal zo wel terug komen” zeurde mijn vriendin. Ik probeerde nog wat info uit het kind te halen en vroeg haar “wat is je naam?”. Ze vertelde dat haar naam Shally was. “Leuke naam heb je” zei ik, om haar gerust te stellen. “Maar blijf netjes op je mama wachten en ga met niemand mee naar huis. Wij gaan nu verder, maar denk eraan wat ik je gezegd heb. Alleen op mama wachten en met niemand mee gaan!”. Ze knikte dat ze het begrepen had en wij liepen vervolgens verder de Palmentuin in.

Mijn vriendin had al een biertje op en wat wijn, dus ze voelde zich een beetje high worden, maar toch vroeg ze zich af hoe een moeder zo een jong kind moederziel alleen in zo een drukte achtergelaten had. “Sommige mensen zijn echt niet geschikt om moeder te worden” klaagde ze voor me. Ik keek in een reflex beweging nog om naar de plek waar het meisje zat, aangezien mijn vriendin het er nog over had. Maar ik zag het kind daar niet meer zitten. “Zeker is haar moeder haar al komen halen, want ik zie haar niet meer” zei ik.

Meteen daarna schoot het door mij heen ‘ze is wel erg snel weggelopen, want wij waren niet eens 100m verder’. Wij liepen door de palmentuin, maar dit van het meisje hield me echt bezig en mijn vriendin zag het ook aan me dat ik mijn hoofd er niet bij had. “Okay, laten wij omlopen en dan gaan we weer die richting om te kijken als het meisje daar nog zit en dan weten we meteen als haar moeder haar intussen al opgehaald heeft” stelde ze voor.

Wij liepen, na een ronde gemaakt te hebben, weer naar die plek, maar het meisje was nergens te bekennen. Wij zagen daar vlakbij een wachthuisje dus zijn we gaan vragen als ze het kind gezien hadden en de militairen daar zeiden dat ze geen enkel kind daar gezien hebben. “Dames, wij hebben jullie daar even zien praten toen jullie een half uurtje geleden de palmentuin binnen liepen, maar er was geen enkel kind daar. Wij gingen ervan uit dat jullie tegen elkaar spraken” zeiden de militairen. Ze waren er heel zeker van dat er nooit een meisje daar gezeten had.

Ik begon te zweten van de zenuwen want op dat moment was ik niet dronken en had nog niks op.

Mijn vriendin raakte een beetje geïrriteerd en zei “laat dat ding mang, kom weg van hier!”. We liepen richting kabinet en ik keek ondertussen als ik het kind tegen zou komen. Maar ik kwam haar niet meer tegen. Op plein aangekomen, was het verdomd druk en na een hele poos door de drukte gelopen te zijn, konden we eindelijk naar binnen. Het begon al donker te worden en de sfeer was gezellig. We waren op den duur het hele geval van het klein meisje vergeten. We hebben enkele leuke collega’s en vrienden van ons ontmoet en we gingen met zijn allen dichtbij een bar staan zodat we makkelijker drank konden kopen.

Op den duur was er geen drank en geen water meer, dus besloot ik naar de bar te gaan om weer aan te vullen voor ons.

En wie zag ik daar bij de bar schuilen aan de zijkant? Ja, het klein meisje. Ik liep haar tegemoet en vroeg haar wat ze in deze drukte deed. Ze wist mij te vertellen dat ze naar daar gekomen was om naar haar moeder te zoeken. Ze was kort, dus moest ik bukken om tegen haar te praten. En een ieder liep mij gewoon voorbij. Ik zei tegen haar “kom naar buiten, maar wacht eerst rustig hier op mij dan gaan wij je mama gaan zoeken. Ik ga wat water brengen voor die anderen”.

Ik was van plan mijn vriendin op de hoogte te stellen dat ik het meisje gevonden had en haar zou brengen om te zoeken naar haar moeder. Maar achteraf bedacht ik mij, want ik wist dat mijn vriendin toch niet mee zou willen om te helpen zoeken dus zei ik toch maar niks erover. Ik bracht het water en zei dat ik daarna nog wat ging halen bij de bar. Ik liep terug naar het meisje, pakte haar handje vast en trok haar naar de uitgang. Haar handjes voelden ijskoud aan, maar ik besteedde er geen aandacht aan. ‘Zal wel door de zenuwen komen’ dacht ik.

Op het oude vlaggenplein zat ik met haar en ik vroeg als ze geen honger had. Ze zei “ja, ik heb wel een enorme honger”. Ik had die auto sleutels in mijn tasje dus stelde ik voor met haar terug te lopen naar de auto zodat ik wat te eten uit de auto kon nemen voor haar. Ze ging ermee akkoord.

We liepen toen voorbij kabinet en toen kwamen we aan bij die parkeer plek. Daar aangekomen zag ik die ‘parkeerwachter’ (die op onze auto zou letten) rennend op mij afkomen. Hij vroeg mij als ik zo snel al weg ging, ik zei “nee nog niet. Ik wil alleen even wat te eten uit mijn auto nemen”. Ondertussen had ik het meisje haar klein handje nog in de mijne.

Ik deed de achter deur open en nam wat te eten voor haar. Ze at het voedsel netjes en ze vroeg mij wat te drinken. “Shit, ik heb geen drinken in de auto. Als je even wacht dan ga ik vlakbij een beetje drinken voor je kopen”.

Ik liep weer weg en die parkeerwachter groette mij. Ik zei tegen hem “ik ga nog niet weg, ik haal snel even wat te drinken, ik heb dat klein meisje daar bij mijn auto achter gelaten, let even op haar. Ik kom zo terug!”. Die heer keek mij verbaasd aan, en ik liep snel richting 't vat. Ik kocht een fles water en rende weer richting de parkeerplek. Daar aangekomen zag ik het kind niet meer, ik riep die heer en vroeg hem waarom hij dat meisje weg had laten gaan.

Hij keek me opnieuw vreemd aan en zei “welk meisje? Ik heb geen enkel meisje gezien hoor”. Ik raakte nú geïrriteerd en zei “hoe kan je niet weten welk meisje, ik kwam toch met een klein meisje naar mijn auto daarnet?!! Ik vroeg je op haar te letten toen ik wat te drinken ging halen”. Die man zei "u kwam helemaal alleen mevrouw". Ik schudde mijn hoofd en zei "nee, er was een klein meisje met mij en ik hield haar hand vast!".

Hij herhaalde opnieuw dat ik met niemand daar gekomen was en dat er ook niemand bij die auto zat toen ik besloot drinken te gaan kopen.


Ik was nu echt verward en wist even niet wat ik precies met de situatie aanmoest. Ik legde hem nog uit wat ze aan had en hoe ze eruit zag. Hij keek mij serieus aan en zei “mevrouw, volgens mij ben je echt in de war, je was helemaal alleen, je hebt niemand meegenomen naar die auto”. Ik liep naar mijn auto en ik keek overal in die auto als ze er nog was. Die man zag mij zoeken in die auto en hij kwam weer bij mij staan. "Ze was wel echt gewoon hier hoor, ik heb haar nog te eten gegeven en ze heeft flink gegeten" probeerde ik hem nog uit te leggen.

Hij schudde met zijn hoofd en zei haast fluisterend “dus … ehm, het is al laat hoor mevrouw, deze omgeving heeft bepaalde vreemde dingen. Als je iets ziet, zeg niks, praat niet erover want het is niet goed om meteen te zeggen als je iets tegen komt. Hier heeft een geschiedenis”.

Ik legde hem toen uit vanaf het begin wat mij overkomen was en hij zei “ik weet echt niet wat u ontmoet heeft, maar het was dan echt geen mens. Het is goed dat je dat ding eten hebt gegeven mevrouw, het kon je achtervolgen naar huis. En dat wil je echt niet”.

We spraken nog even en toen kwam mijn collega mij zoeken bij de parkeerplek. Hij zag me daar staan praten met die parkeerwachter. Toen ik hem in de verte zag lopen naar me, snelde ik naar hem. Voordat hij wat kon vragen zei ik meteen “ik ging even snel wat halen uit de auto, maar kwam net terug naar jullie toen die parkeerwachter even een praatje kwam maken”. Die collega knikte en zei “ja dat dacht ik ook al, daarom kwam ik je voor de zekerheid even bij de auto zoeken. Jouw vriendin vertelde waar de auto geparkeerd stond”.

Zo liepen we weer richting plein. We zijn tot het einde gebleven. Mijn vriendin was stom dronken dus moest ik rijden.

Ik reed richting waterkant, want mijn vriendin wilde KFC eten, bij de omgeving platte brug wilde een groep mensen de oversteek doen, en wie zag ik tussen die mensen lopen?
Het klein meisje, ze had een sinistere glimlach op haar gezicht. Ik weet niet als ik het gemeen of spottend moest noemen, maar het was een zeer enge glimlach. Ze groette mij opgetogen, maar ik voelde een koude rilling door mijn lijf gaan. Hoe wist ze trouwens dat ik aan kwam rijden tussen al die auto's? Het was alsof ze mij op stond te wachten, super vreemd, ik wist toen zeker dat dit geen mens was. Ik zag wel een figuur met haar lopen dat haar moeder moest zijn, zij had een baby op de arm. Dat zal uiteraard ook geen mens geweest zijn. Want niemand rondom hun leek ze op te merken.

Ik reed toen verder en in me zelf begon ik te bidden. Gelukkig is er verder niets met mij noch mijn vriendin gebeurd, ik had de volgende dag wel hevige koorts. Maar heb met lemmetje en blauwsel gebaad en na een week was ik weer de oude.


⭐️⭐️= Het verhaal is 90% herschreven door de OST beheerder Yvanna hilton.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.