🟪 Ingezonden door: Ngatini Ali
⚜️IK DACHT NOOIT VERLOST TE WORDEN⚜️
—————————
Goeiedag OST fans, vandaag wil ik weer een tori met jullie delen. Het is een ervaring van een bekende van mij. Ik plaats het verhaal precies zoals het mij verteld is.
Hieronder het verhaal:
Ik was pas 12 toen dit verhaal zich afspeelde. Mijn moeder is op haar 18de getrouwd met mijn vader. Mijn vader was dat type dat steeds uitliep. Na 2 jaren heeft mijn moeder mijn broer gebaard. Hij is nu al 29. Alles ging goed tussen mijn ouders, maar na 3 jaren is mijn moeder in verwachting van mij geraakt. Toen begon het gedonder. Elke dag maakten ze ruzie en op de koop toe ging mijn vader met mijn moeder’s jongere zus. Mijn tante dus. Ouderen zeggen vaak dat als een zwangere vrouw steeds ruzie kreeg met haar man het kind fio fio kreeg. En dat gebeurde. Maar mijn moeder verdroeg alles.
Ik werd geboren. Verwaarloosd. Mijn broer en ik waren niet gewild. De ene dag waren we hier en op een andere dag ergens anders. Dan bij oma. Dan bij tante.
Ik werd op 24 oktober 1 jaar en op 27 november zijn mijn ouders gescheiden. Mijn ouders wisten niet wie bij welke ouder zou inwonen. Dus mijn broer bleef bij mijn opa van vaderskant en ik bij mijn oma van moederskant. Pas na een jaar kreeg ik moederliefde.
Jaren gingen voorbij. Mijn moeder nam een andere man en mijn vader een braziliaanse vrouw. Met mijn stiefvader kreeg mijn moeder 3 kinderen en mijn vader kreeg 1 met die Braziliaanse. Ik heb geen vaderliefde kunnen krijgen van mijn biologische vader, maar gelukkig wel van mijn stiefvader. Hij beschouwde mijn broer en ik als zijn echte kinderen en behandelde ons zo goed. Zelfs zijn eigen kinderen verwende hij niet zo.
Maar als we onze vader gingen bezoeken maakte mijn stiefmoeder de deur voor onze neuzen dicht of dan veroorzaakte ze ruzie tussen mijn vader en ons. Ik ben altijd een lief kind geweest en gehoorzaam. Ik lachte altijd, liet mijn pijn en verdriet nooit zien en wat er dan ook gebeurde, ik bleef altijd een smile hebben.
Mijn grootouders draaiden een supermarkt.. Als kind van 10 ging ik hen al helpen en mijn eigen centjes verdienen om leuke spulletjes te kopen
Op mijn twaalfde begon ik mijn vader te missen. Ik wilde naar hem toegaan, maar mijn moeder vond het niet zo leuk dat ik elke dag bij hem ging. Mijn moeder vond dat mijn stiefmoeder geen goede vrouw was en dat ze mij zou pesten. Ze vertrouwd dat mens niet rondom haar kinderen.
Ik kon de pijn niet verdragen, omdat ik heel veel van mijn vader hield. Hij was mijn alles. Ik heb toen een verdelgingsmiddel ingenomen. Niet veel. Een slok. Ik werd gelukkig gered. Ik had het overleefd. Het deed me verdriet dat mijn vader mij niet mocht bezoeken van zijn vrouw. Als hij me zou komen bezoeken, zou hij buiten moeten slapen van zijn vrouw.
Ik werd in LPZ gezet. Ik moest 2 weken tussen gekke mensen wonen. Je zag gewoon hoe mensen hun eigen p0ep zaten te eten. Ze maakten veel lawaai en ik ben er letterlijk ook bijna gek van geworden. Ik huilde elke avond, de hele avond en ik kon ook niet eten. Mijn tong was beschadigd door het middel. Na 2 weken observatie mocht ik eruit. Ik was gewoon thuis. Ging normaal naar school en ben dat jaartje blijven zitten.
Maar men wist van mijn verleden. Mensen begonnen te roddelen. Ze zeiden dat er geen hoop meer voor mij was. Dat ik niks zou worden in de maatschappij. Ik werd gepest. Werd voor dom en ook voor h0er uitgemaakt. Ik heb geen idee waarom, want hield mij niet eens bezig met dit soort van dingen. Maar ik maakte mij niet druk. Zolang ik maar wist dat ik geen h0er was, hoefde ik me nergens zorgen over te maken.
Op een bepaald moment kwamen er naast mijn moeder nieuwe buren wonen. Ik was altijd vriendelijk tegen een ieder, zoals ik al aangaf, dus ik was elke dag bij de nieuwe buren en hielp ze met alles rondom hun woning. Maar zij hadden slechte bedoelingen met mij. Elke keer als ik daar op bezoek ging gaven ze me Coca cola om te drinken, maar het smaakte niet zoals het moest. Het had een hele vreemde bittere smaak en mijn moeder zei dat ik daar echt niet meer moest gaan. Ik gehoorzaamde haar.
Maar werd kort daarna verschrikkelijk ziek. Ik kwam steeds in ademnood. Ik was nog maagd, maar mijn ondergoed zag eruit als die van een volwassen vrouw. Een vrouw die al kinderen heeft. Ik vloeide heel veel en dit was voorheen niet zo.
Mijn stiefvader lette altijd goed op me en zei het tegen mijn moeder. Ik was altijd in hun gezelschap, dus was de kans klein dat ik al ontmaagd was. Dus daarover maakten ze zich geen zorgen. Maar elke dag werd ik zieker en zieker en zieker. Op 14 februari werd ik opgenomen in het ziekenhuis voor behandelingen en onderzoekingen. Ze konden niks vinden. Ik begon als een slang te kruipen. Klokslag 7 uur ‘s avonds kreeg mijn huid een andere kleur. Ik begon dan hard te huilen.
De verpleegsters zeiden tegen mijn moeder om mij gauw weg te brengen, want de doktoren waren van plan mij in een psychiatrische inrichting te stoppen. “Uw dochter is niet gek mevrouw. Ze heeft geesten op haar!” Mijn moeder schrok, want ze zag die dingen wel op tv, maar nooit in haar directe omgeving. Ze bracht me naar huis en zocht hulp. Maar ik werd genegeerd. Men was bang. Bang dat ik hun levens in gevaar zou brengen. Ik kon twee maanden niet praten, niet zien, niet horen en ook niet lopen.
Na twee maanden begon ik te praten. Ik zei mijn moeder om mij naar een Guyanese man te brengen. Ik noemde ook een naam. Ze keek mij verbaasd aan, maar is toch gaan informeren. Ik wist zelf niet eens vanwaar ik met die info kwam, alsof iets via mijn mond sprak en de info doorgaf …. maar die man bleek gewoon werkelijk te bestaan. Mijn moeder maakte meteen een afspraak en vertelde het aan me.
Ik begon vrijwel meteen als een baby te doen. Maakte enge geluiden als een baby, sprak baby taal. Vervolgens kroop en at ik als een slang. Ik likte alles. Mijn tong kwam eruit. Net een slang. Ik was ineens abnormaal zwaar geworden. Zo klein dat ik was, moesten vijf mensen mij optillen. Ze hebben mij in de auto gezet en ik werd naar die man gebracht.
Die man deed een uitgebreid ritueel en ik was weer bij zinnen. Hij liet mij een hele avond in zijn mandir slapen. De volgende dag wilde ik palm hebben. Een lemmetje en ook een sigaret. Ik rookte als een ouwe pae en ik lustte alleen javaanse nasi. Ik begon te praten. Ik noemde namen van mensen die mij zouden helpen. Ik zei dat er zeven geesten in mij waren en wie ze allemaal zouden kunnen weghalen. Ik heb ook gezegd wie me dit met mij gedaan heeft. Waar ze het gedaan hebben en waarom.
De man zei dat ik naar huis mocht gaan. Ik zag hem met mijn ouders praten, maar de inhoud van het gesprek was mij onbekend. Thuis aangekomen begon ik weer als een slang te kruipen. Ik huilde dan hard alsof ik verkracht werd, want zo voelde het toen ook voor mij. Op zulke momenten kende dat dit mij overkwam herkende ik niemand meer. Het was alsof iets anders mij overnam. Vlak in bijzijn van mijn moeder en stiefvader, kreeg ik overal sneetjes op mijn lijf van iets onzichtbaar. Op mijn hand, mijn gezicht, mijn rug en het deed pijn. De pijn was ondraaglijk.
De volgende dag zijn we weer bij die man geweest. Hij gaf mij wat om te drinken. Ik gaf over. Ik gaf bloed over. Ik gaf ook Coca cola en stukken roti over. De Guyanese man zei tegen ons dat kwaadwilligen iets in mijn voeding en drank gezet hebben.
Een heel jaar was ik normaal. Maar op 14 februari, valentijnsdag, begon het weer. Mijn stiefvader had achterop bacovenplantjes en ik hield ervan om achterin te zitten. Ik wilde weer gaan, maar zag een pandit daar. Ik werd heel bang en rende naar binnen. Ik vertelde mijn moeder en stiefvader wat ik had gezien. Mijn moeder is toen naar een creoolse man gegaan. Hij kon me ook niet helpen, bovendien had hij srd 12.000 gevraagd. Mijn moeder stemde toch in, maar het mocht niet baten.
Mijn moeder hield van me. Ik was haar enige dochter. Ze wilde mij niet verliezen. Maar ondanks het betaalde geld kon die man niks doen. Hij zei dat ik het niet zou halen. Mijn moeder en stiefvader begonnen te huilen en ze begonnen hun hoop te verliezen.
Daarna is mijn moeder naar een pater gegaan. Die zei hetzelfde dat er geen hoop meer voor mij was. Ten einde raad bezochten wij een pandit. Die zei ook hetzelfde. Een jaar lang was ik niet normaal. Ik werd erger en erger. Erger dan de vorige keer. Ik wilde niks anders eten dan rauwe kip en ik dronk alleen maar cola.
Ik rookte vijf pakken sigaretten per dag en dronk drie flessen palm ook per dag. Maar ik werd niet dronken. En ik was pas 14. Mijn moeder bleef bidden. Ze bad heel veel. Ze heeft gebeden en gebeden. Ze bleef daardoor sterk. Ze ontmoette niet lang daarna iemand die haar naar een man verwees. Een javaanse man. Maar als hij in trance kwam was hij haitiaan, hij kon dan ineens de taal spreken en wist van hun rituelen en gebruiken. Hij werd als het ware bezeten door een Haïtiaanse geest, waardoor hij zijn culturele werk kon doen.
Deze heer kwam thuis bij mij en deed ook een paar dingen. Hij zei tegen mij om te liggen in een grotere dan normale rijstzak. Daarna perste hij mijn buik. Zo hard dat ik het uitschreeuwde en begon te huilen. Hij haalde me uit de rijstzak en riep de anderen om te komen kijken. Er was een slang in de zak. Een slang die uit mij is gekomen.
Ik werd beter. Ik was zo blij dat ik normaal kon leven. Mijn moeder heeft mij bij mijn oma laten wonen. Ik was gelukkig en kon weer naar school. Ik had intussen drie schooljaren gemist, want zo lang duurde dit hele gebeuren dat die ‘slang’ in mij me problemen gaf. Dit allemaal te danken aan de nieuwe buren van mijn moeder, terwijl ik niks dan aardig geweest was tegen die mensen.
Na een jaar overleed mijn oom en na een jaar begon mijn oma ziek te worden. Mijn oma was hardhorend. Ze luisterde nooit en was koppig. We zeiden haar altijd, om niet naar haar zwager te gaan met wie ze geen goede band had. De mens kan extreem gevaarlijk zijn. Maar mijn oma zag altijd het goede in anderen, dus ging zij gewoon daar langs en ze hebben haar ‘dodemans water’ gegeven om te drinken. En ze kwam kort daarna te overlijden.
Ik heb dit alles gezien en meegemaakt. Door die ervaringen met de mensheid vertrouw ik gewoon niemand meer. Ze lachen in je gezicht en doen poeslief, maar ondertussen vergiftigen ze je. Heb ontelbaar keren moeten aanhoren dat ik gek, dom, hopeloos was en niks zou worden in de maatschappij. Op den duur ging ik het zelf ook geloven.
Maar kijk mij nu ….
Ik ben nu 26, accountant en sta op mijn eigen benen. Mijn vader en stiefmoeder, die nooit naar me omkeken, komen nu bijna elke dag bij mij aankloppen voor financiële hulp. Ik ben nog niet getrouwd en heb nooit een vriend gehad. Ik heb ook geen kinderen. Ik ben heel trots op mezelf. Degene die mij h0er heeft genoemd is nu zelf eentje. Ze verwisselt steeds van man.
🌺 Het leven is heel mooi, zolang je blijft bidden.
⭐️⭐️= Het verhaal is 50% herschreven door de OST Beheerder Yvanna Hilton.
Reactie plaatsen
Reacties