☯️ Ingezonden door: A.S
⚜️HIGHWAY: DE HUPPELENDE GEDAANTE⚜️
———————————
Goedemorgen OST Leden, Ik werkte een aantal jaren terug voor een bedrijf die heel veel projecten kreeg. Deze waren vaak gebonden aan deadlines en moest er dus regelmatig overgewerkt worden.
Dat was die avond weer het geval. We werkten tot bijna half één in de ochtend op kantoor. Mijn collega's en ik zijn daarna naar de parkeer ruimte gelopen en babbelden zeker nog een half uurtje verder. Daarna gingen we elk richting huis. De meeste van mijn collega's woonden op noord. Ik woon langs de Highway. In die tijd was de Highway er heel slecht aan toe. Je had de diepste, meest gevaarlijke kuilen. Ik kan me de datum niet heugen, maar het was een donderdag.
Het had geregend en alle kuilen zaten vol met water. Het donkere asfalt glinsterde in het vollemaan licht. Ik reed op een rustige tempo. De Highway is nooit stil en er kwam af en toe een tegenligger of een voertuig die me voorbij reed. Ik zag een tegenligger naderen, ik kon zijn luide muziek al van ver horen. Ik was net in het donkerste deel van de Highway waar je geen huizen hebt en ook geen straatverlichting. De auto naderde met volle vaart en toen hij zo een 20 meter voor me was zette hij zijn lichten op bright. Hij verblinde me helemaal en ik kon niets meer op straat zien.
Hij toeterde plots ook zo hard dat ik er van schrok en in een lichte paniek raakte. Het was zeker een dronkaard die asociaal deed en door zijn wangedrag in het verkeer reed ik de auto recht in een diepe kuil en hoorde ik gelijk een luide knal. Klapband! Gelijk daarna ging ook mijn achter linkerwiel in dezelfde kuil en weer een luide knal. Tweede klapband! Gelukkig had ik mijn stuur onder controle en lukte het me om mijn auto voorzichtig aan de kant op het grasstrook tot stilstand te brengen.
Ik nam even een moment om op adem te komen. Verschillende gedachten gingen door mijn hoofd. Ik had heel vaak mensen met een klapband langs de weg gezien, die allemaal slachtoffers waren geworden van die diepe kuilen met vlijmscherpe randen. Er waren in die tijd ook criminelen die dergelijke mensen beroofden en er was zelfs een bericht dat ze bijna een vrouw hadden verkracht. Ik maakte gelijk mijn lichten uit om geen aandacht te trekken en drukte voor alle zekerheid weer op het powerlock knopje.
Mijn ouders hadden me op het hart gedrukt dat ik nooit uit de auto moest stappen mocht ik eens pech hebben en gelijk naar huis moest bellen. Ik grabbelde in mijn tas naar mijn mobiel en belde mijn vader op. Ik vertelde hem wat er gebeurd was en hij drukte me nogmaals op het hart om in de auto te blijven en voor niets en niemand open te maken. Hij zou binnen 15 minuten bij mij zijn en een extra wiel meenemen. Ik had geen internet in mijn mobiel en ook geen games, het enige wat ik dan kon doen was kijken naar de voorbijgaande voertuigen.
Enkele minuten gingen voorbij en ik tuurde naar de lege lange straat voor me toen ik voor het eerst de gedaante zag, zo een 50 meters voor mij. Er was geen straatverlichting en het enige licht dat er was, was van de maan. Het was een lang en mager gedaante. Ik weet niet hoe lang het daar gestaan had, ik had het toch moeten opmerken? Of was het misschien nu pas komen aanlopen? Er waren geen huizen daar, dus misschien was het iemand die naar huis liep, dacht ik.
Het was met zijn gezicht gekeerd naar de straat toe, maar nu draaide het langzaam mijn kant op. Het stond op het bromfietser paadje. Het strekte de armen zijwaarts uit en begon met hoge passen mijn richting op te huppelen. De benen kwamen bijna tot borst hoogte, het was een vreemde gehuppel. Het huppelde zo een tien meters en stopte. Het stond helemaal recht en stil. In mijn zijspiegel zag ik een auto naderen. Ik hoopte dat ik een beter zicht zou kunnen krijgen op de gedaante.
Het stond nog steeds als een stijve plank. De auto naderde en reed met een vrij hoge tempo. Zijn koplampen schenen maar enkele seconden op de gedaante, maar dat was genoeg om het beter te zien. Wat ik zag deed mijn hart sneller kloppen. Wat een eng persoon, dacht ik. Ik kon niet uitmaken of het een man of vrouw was. Het had geen haar voor wat ik had kunnen zien en het was zo extreem mager dat alle rondingen van het lichaam ontbraken.
Het had een donkere huidskleur en was gekleed in donkere kleding. Die gezichtsuitdrukking zal ik nooit vergeten. Het had hele grote ronde ogen die uitpuilden en een geluidloze lach op het gezicht die ik moeilijk kan omschrijven. De tong was geduwd tegen de onderste tanden en de mond was wijd open. Zo wijd dat het onnatuurlijk leek. Nadat de auto voorbij was draaide het zich weer om en was nu met de rug naar mij toe. Het strekte de armen weer zijwaarts uit en en liet het hoofd achterover vallen om naar de hemel te staren.
Het maakte plotseling een gillend geluid. Ik schreeuwde bijna ook van de schrik. Wat was dit voor mens, ging het door me heen. In een ruk draaide het zich om en begon met alle vaart mijn richting op te rennen. Ik werd nu wel bang. Een vreemde soort vrees ging door me heen. Ik wilde plat gaan liggen op de bank, maar aan de andere kant wilde ik het ook niet uit het oog verliezen. Ik was zeker dat het me niet kon zien, mijn autoruiten waren sterk getint.
Met nog steeds dezelfde gezichtsuitdrukkingen zag ik het mijn auto voorbij rennen. Ook het rennen was vreemd. Het leek alsof het steeds struikelde, maar toch door ging met rennen. Ik draaide me om en zag een auto van voren naderen. Ik hoopte dat het mijn vader was. De auto naderde en ik zag de gedaante met een grote sprong springen in de bosjes aan de kant. Ik slaakte weer bijna een gil. Het was een onmenselijk grote sprong. Deze persoon is vast gek, ging het weer door me heen.
Mijn hart begon nog harder te bonzen. Zeker een 5 minuten gingen voorbij en ik zag noch hoorde ik iets. Er waren zelfs een paar voertuigen voorbij gereden en de gedaante was nergens te bespeuren. Misschien was het tijdens die sprong verongelukt, dacht ik. Ik wist niet of ik moest gaan kijken of wachten op mijn vader. Dat laatste leek me het beste. Ik zat weer rechtop in mijn stoel en nog geen minuutje later zag ik een eindje voor mij iets uit de bosjes kruipen. Het was de gedaante.
Het kroop tot bijna de asfalt en sprong plots in een hurk positie. In die positie sprong hij al hurkend weer in mijn richting. Ik zag het overduidelijk voor me. De enge glimlach was verdwenen. Het keek naar mijn auto alsof het het voor het eerst opviel. Het liet zijn hoofd aan de rechterkant hangen en leek mijn auto te observeren. Het stond heel snel op en begon weer te huppelen, dit keer doelgericht naar mij toe. Het stond vlak voor mijn auto stil.
Dit was de eerste keer dat ik me afvroeg of het een mens was of een entiteit. Als het een entiteit was, was het opzich al eng en als het een mens was, was het een uiterst krankzinnig persoon. Het sloop dichterbij de auto en ik kon wel huilen van angst. Ik begon in mezelf te bidden. Het stond pal voor mijn auto en bukte langzaam voorover. Tergend langzaam bracht het een hand boven de ogen en tuurde naar binnen.
Hoewel het geen oogcontact met me had, maakte het met de andere hand een groet beweging alsof het wist dat ik daar in de auto zat. Ik vroeg me af of het me zag. Ik zag een auto naderen. De gedaante, maakte zijwaartse passen met die lange magere benen. Slaakte weer die enge gil en huppelde naar de achterkant van de auto om daarachter te verdwijnen. Ik kon niet uitmaken of het daar lag, hurkte of onder de auto was gekropen. De auto die naderde was mijn vader en 2 van mijn broers waren meegekomen.
Mijn vader had nauwelijks geparkeerd of ze stapten al uit, misschien hadden ze de gedaante ook gezien. Ik maakte snel mijn portier open om ze te waarschuwen dat het achter of onder mijn auto was. Al gillend zei ik het is achter of onder de auto papa! Me vader keek me vragend aan en vroeg waarover ik het had en waarom ik zo gilde en er zo angstig uitzag. Mijn broers waren nu ook erbij en ik vroeg ze of ze niemand bij de auto hadden gezien. Ze zeiden allemaal dat ze niets gezien hadden.
Ik voelde me vreemd, angstig en verward. Mijn vader zei dat ik misschien in slaap was gevallen en gedroomd had. Ik weet dat ik geen moment heb geslapen. Mijn broers maakten de banden in orde en reden in mijn auto naar huis, ik reed met mijn vader terug. Thuis wachtte mijn moeder op ons. Toen ik haar zag kon ik het niet meer houden en begon ik te huilen. Ik was nog nooit in mijn leven zo bang geweest. Ik vertelde alles in details. Dat wat ik meegemaakt heb, heb ik nooit kunnen vergeten; die gedaante, die enge gehuppel en die krankzinnige gezichtsuitdrukking.
Het is jaren terug dat ik dit meemaakte en ik kan het nog voor de geest halen alsof het gister is gebeurt. Ik rij nog steeds vaak langs de Highway en ik weet nog precies waar het gebeurd was, maar ik heb die gedaante nooit meer gezien.
⭐️= Het verhaal is geplaatst zoals die ontvangen is.
Reactie plaatsen
Reacties