🟥 Ingezonden door: H.L.
⚜️MIJN NIEUW APPARTEMENT OP NOORD⚜️
-----------------------------
Beste mensen van OST,
Ik hoop dat ik mijn paranormale ervaring met jullie mag delen. Ik heb zoveel boeiende en vooral angstaanjagende verhalen gelezen op jullie site dat ik eindelijk de moed vond om ook mijn eigen ervaring op te schrijven. Eigenlijk wilde ik dit al vorige week delen, maar ik durfde toen niet. Nu wel. Hier volgt precies wat mij is overkomen.
Via via lukte het mij een appartement te huren op Noord, in Paramaribo, Suriname. Ik was dolblij — het was ruim, twee grote slaapkamers, precies wat ik zocht. De eerste twee weken verliepen vrij normaal; ik had het druk met verhuizen en alles leek prima. Maar langzaam begonnen er vreemde kleine dingen te gebeuren. In het begin dacht ik niets bijzonders: deuren die uit zichzelf open en dichtvielen, dat soort dingen. Ik dacht dat het de wind was, hoewel er geen ramen openstonden en het appartement volledig airconditioned was.
Omdat het nog een nieuwe plek voor mij was, en ik uitgeput was van de verhuizing, maakte ik me er eerst niet druk om.
Toen de vreemde geluiden zich opstapelden, ging het gevoel van onbehagen groeien. Vaak, als ik thuis was, hoorde ik stemmen — alsof er mensen buiten mijn slaapkamer met elkaar in gesprek waren. Ik dacht aanvankelijk dat het buren waren, misschien van een appartement boven mij. Omdat ik zo blij was met mijn eigen plekje en thuis vaak kapot moe was van mijn werk, besteedde ik er niet te veel aandacht aan. Na een lange werkdag wilde ik alleen uitrusten en slapen; ik was veel te uitgeput om te gaan onderzoeken waar die stemmen vandaan kwamen.
Naast die stemmen hoorde ik ook regelmatig geklop in de muren. Dat klonk niet als het gedempte geluid dat je van buren in een stenen gebouw zou verwachten: het klonk alsof iemand op hout sloeg — duidelijk en hard — en het leek van binnenin de muren of van mijn eigen kamerdeur te komen. Daarnaast hoorde ik gedempte voetstappen en af en toe rumoer alsof er kinderen renden. Daarom dacht ik steeds: het zal wel de bovenburen zijn, misschien hebben ze kinderen die herrie maken. Geen reden om ongerust te worden, dacht ik.
Een incident dat alles veranderde gebeurde ongeveer drie weken nadat ik was ingetrokken. Er was bezoek bij een van de andere appartementen en die man wilde rond 02:00 uur ’s nachts naar huis gaan. Hij stapte in zijn auto — en toen gebeurde er iets dat hijzelf later als terreur beschreef: het gaspedaal leek als het ware door iets onzichtbaars ingedrukt te worden en het stuur begon zich zelfstandig te bewegen, alsof de auto bestuurd werd door een onzichtbare hand. De auto schoot ervandoor en belandde uiteindelijk in een bos verderop, in een perceel met hoog gras en modder. Het had net geregend, dus het was één grote rotzooi.
De man ontsnapte op het nippertje aan de dood: de auto was bijna tegen een stroompaal gereden. Overmand door angst keerde hij terug naar het appartementencomplex en vertelde wat er gebeurd was. Een van mijn medebewoners klopte op mijn deur — of beter gezegd, ze kwam smeken of ze even mijn telefoon mocht gebruiken om een kraanwagen te bellen omdat de auto van haar vriend vastzat in de modder. Terwijl ik haar mijn telefoon leende, stond die man te trillen van angst en vertelde hij in schokmomenten dat hij gevochten had met iets onzichtbaars in de auto. Hij beefde nog toen hij vertelde hoe het stuur naar de stroompaal werd geduwd en hoe hij met alle kracht probeerde het stuur tegen te houden, maar het koste hem alle moeite om te voorkomen dat hij tegen die paal zou knallen; zo belandde hij uiteindelijk in dat modderige perceel.
Na die gebeurtenis begon ik serieus na te denken: wat had die man aangevallen? Wat was het dat zijn auto naar die paal wilde sturen?
Kort daarna, toen de huiseigenaar langskwam om de maandelijkse huur in ontvangst te nemen, durfde ik het hem te vragen: wie waren eigenlijk die bovenburen? Ze waren vaak zo luidruchtig — ik wilde hem vragen of hij ze erop kon wijzen iets rustiger te zijn, omdat ik vaak moe van mijn werk thuiskwam en behoefte had aan rust. De huiseigenaar keek me vreemd aan en vroeg: “Boven buren?” Ik herhaalde mijn vraag en hij zei nogmaals verbaasd: “Er woont helemaal niemand bovenin dat appartement. Ik moet daar nog mensen plaatsen; die woning is nog aan het renoveren.”
Ik schrok. Hoe kon dat? Ik had zo vaak stemmen gehoord, voetstappen, en geklop — hoe kon daar volgens hem niemand wonen? De andere appartementen lagen helemaal aan de andere vleugel; het lawaai dat mij stoorde kon alleen van boven komen. Zijn antwoord liet me vol verwarring achter. Ik betaalde de huur, hij vertrok, en ik bleef terug met de vraag: waar kwamen die geluiden dan vandaan?
De druppel die de emmer deed overlopen kwam een paar nachten later. Ik lag te slapen toen ik plotseling een koude windvlaag pal in mijn gezicht voelde — heel hard, alsof iemand precies boven me stond en met alle kracht in mijn gezicht blies. Ik schrok me kapot en schoot rechtop in bed. De deur van mijn slaapkamer stond wijd open en er viel licht van de gang naar binnen; mijn kamer was anders donker geweest. Eerst dacht ik nog: waarschijnlijk een nare droom, want als je zo plotseling wordt gewekt voelt alles onwerkelijk. Maar de koude lucht had ik echt gevoeld — dat was geen droom.
Ik probeerde me te herpakken en sloot mijn ogen eventjes weer, maar toen besefte ik: hoe kon mijn kamerdeur nu openstaan? Ik had hem op slot gedaan voordat ik naar bed ging. Ik deed mijn ogen open — en zag een kleine jongen in het donker naast mijn bed staan. Hij stond daar vlakbij, klein en fluisterend: “Het is…” — en hij stopte daar.
Ik kan het niet anders omschrijven: ik rende de kamer uit, compleet in paniek. Ik weet niet waar ik die kracht vandaan haalde, maar ik rende de woonkamer in, gilde het uit van angst, vloekte en begon te bidden. Ik stond daar in mijn slaapjurk met rollers in mijn haar. Ik belde een taxi en ging buiten staan wachten, samen met die buurvrouw wiens vriend vastzat in het bos. Zij had mijn gegil gehoord en kwam kijken. Ik vertelde haar wat er gebeurd was. Zij werd ook bang en beloofde bij me te blijven wachten tot de taxi er was. Ik durfde niet meer terug naar mijn slaapkamer om me fatsoenlijk aan te kleden — ook zij durfde niet met me mee naar binnen — dus stapte ik precies zo, in mijn slaapjurk en met rollers in mijn haar, in de taxi en ging naar mijn moeder.
De volgende dag gingen mijn broers en ik terug om mijn spullen op te halen. Ik bleef echter buiten staan; ik durfde echt het appartement niet meer in. Van een andere bewoner hoorde ik iets dat me de rillingen bezorgde: er zou iemand vermoord zijn in het appartement boven mij. Voor zover ik het begreep was er een Braziliaanse vrouw door een koppel vermoord en in één van de andere appartementen zouden zelfs twee mensen gestorven zijn door zelfmoord. Ik weet niet exact hoe alles precies in elkaar zit en wie er precies overleden is — dat kon ik niet helemaal navragen — maar het raakte me diep. Ik had met eigen ogen een kleine jongen naast mijn bed zien staan en zachtjes zien fluisteren. Hij was geen schim of vaag figuur; hij stond duidelijk, klein en echt, in het donker naast mijn bed.
Ik maak geen grapjes over dit soort zaken. Ik ben daar geen dag langer gebleven. Tot op de dag van vandaag weet ik niet wat die kleine jongen precies bedoelde met die woorden: “Het is…”. Ik wilde niet wachten tot hij die zin afmaakte.
🌺 Dat was mijn ervaring. Dankjewel dat ik het mocht delen.
⭐️⭐️ = Het verhaal is herschreven door OST-beheerder Yvanna Hilton.
Reactie plaatsen
Reacties