STORY 423: DE STRAF VAN MOEDER AISA

Gepubliceerd op 22 september 2023 om 15:51

🟨 Ingezonden door: Radjindre Ramdhani

                ⚜️DE STRAF VAN MOEDER AISA⚜️
————————————

Beste OST leden.... Weet je, ik was altijd al koppig. Daardoor raakte ik vaak in problemen verzeild.

Mijn koppigheid hield ook in, dat ik het continu aan de stok kreeg met mijn ouders. Twee dingen, die ze mij altijd toeriepen, waren: “Meisje, je bent opstandig!’ ‘Eigen schuld, dikke bult!’. Nou ja, ik was pas 9 jaar jong. Als je iets van mij gedaan wilde krijgen, moest je juist beweren dat het niet mocht. Misschien was het daarom, dat ik toch naar de Heilige Grond ging.

Wat ik bedoel met de Heilige Grond? Achter onze houten woning bevonden zich kostgrondjes met beplanting van boulanger (aubergines zeggen ze in Nederland), tomaten, bladgroenten en oker. Daarachter lag een stuk verwilderd grond, waar het ons verboden was om te komen. De volwassenen beweerden dat het Heilige Grond betrof, waar we respect voor dienden te tonen. Iedereen, van jong tot oud, hield zich aan het verbod om dat stukje grond te betreden. Iedereen, behalve ik!

Ik was daar zo vaak geweest zonder dat iemand er van afwist en ik had er nooit iets aan overgehouden, noch was ik ziek geworden. Ik had er nooit iets engs meegemaakt. Integendeel: ik voelde me helemaal thuis in die wilde tropische begroeiing. Totdat…

Ik sliep. Ik schrok wakker, omdat iemand aan mijn benen trok. Ik staarde met gefronste wenkbrauwen in het duister. De gestalte van een lange, magere, halfnaakte man stond voor mijn bed. Wie die man ook was, hij was mijn vader niet! En behalve mijn vader, was er geen andere manspersoon in huis. Ik besefte dat ik te doen had met een inbreker en wilde schreeuwen. Voordat ik een geluid kon uitbrengen, sprong de gestalte boven op mij. Zijn gewicht drukte zwaar op mijn tengere lichaam. Hij drukte mijn keel dicht. Zijn vingers sloten zich stevig om mijn keel. Ik rochelde.

De woeste ogen van de indringer bevonden zich vlak voor mijn eigen ogen. Angst deed mijn hartslag steigeren. Ik kronkelde, omdat ik onder hem vandaan wilde komen. Het wit van zijn ogen begon te veranderen in geel. Tot mijn verbazing begon de man ook te veranderen en opeens lag er een dikke, zwarte slang op mij! De slang kronkelde zijn vette lichaam om mijn benen. Zijn mond ging open, de tong beroerde mijn neus. Ik schreeuwde, zoals ik nooit eerder geschreeuwd had. Nog geen seconde later stormden mijn ouders de slaapkamer binnen. Mijn vader had een flashlight in de hand.

Elektrisch licht kenden we nog niet. We beschikten over olie- en gaslampen, maar voor noodgevallen hield mijn vader altijd een flashlight bij de hand. De slang lostte op in het niets. ‘Wat is er? Waarom schreeuw je?’ vroeg mijn vader, terwijl hij onderzoekend de kamer rondkeek. ‘De slang! De slang!’ krijste ik hysterisch. “ Welke slang?’ vroeg mijn moeder, terwijl ze geschrokken naar achteren stapte. Mijn vader flitste met de zaklantaarn door de hele kamer, op zoek naar een slang, terwijl zijn ogen waakzaam stonden.

‘Voordat jullie kwamen, was hier een man in de kamer. Hij probeerde me te wurgen en veranderde later in een zwarte slang!’ verklaarde ik. Mijn vader en moeder wierpen elkaar een veelbetekenende blik toe. ‘Je hebt een nachtmerrie gehad,’ sprak mijn vader op geruststellende toon. ‘ Kom maar bij ons slapen,’ glimlachte mijn moeder. Het vreemde was dat ik hen geloofde. Ik moest wel een nachtmerrie hebben gehad, want mannen veranderden niet in slangen en losten ook niet zomaar op in de lucht. Ik sliep die nacht bij mijn ouders.

De volgende ochtend waste ik mij, staande bij een waterput, met emmers water. We hadden nog geen aansluiting op het waterleidingnet. Later ging ik naar binnen. Mijn moeder zou mijn haar kammen. Ik kamde mijn haren nooit zelf. Mijn moeder was ook degene, die de donkere plekken op mijn hals ontdekte. ‘Wat heb je nu weer opgelopen?’ vroeg ze, terwijl ze aandachtig naar de beurse plekken staarde. Ik keek bewuster in de spiegel en ontdekte de opvallende plekken. De gebeurtenissen van de voorbije nacht schoten me te binnen.

‘De wurger van de afgelopen nacht,’ hijgde ik met angstige ogen. Ik keek hulpzoekend omhoog naar mijn moeder. Er vormden zich zorgenrimpels op haar voorhoofd. ‘Het is niets. Ga maar buiten spelen,’ sprak ze. Haar stem klonk heel afwezig, alsof ze met haar gedachten ergens anders verkeerde.

Dezelfde dag werd ik ’s middags onwel. Ik kreeg koorts, begon over te geven en zag allemaal waanbeelden, waarin ik achtervolgd werd door de zwarte slang. De hele nacht bleven mijn vader en moeder op om voor me te zorgen. Bij het eerste ochtendgloren vertrok mijn vader en keerde later op de dag terug met een Bonuman. Deze oude man verzocht mijn vader en moeder om hem alleen te laten met mij. De man ging naast mijn bed zitten, legde een hand op mijn voorhoofd en begon onverstaanbare woorden te prevelen.

Hij sloot zijn ogen. Opeens deed hij zijn ogen open en keek mij boos aan: ‘Mijn kind, vertel uit jezelf wat je hebt misdaan! Anders kan ik je niet redden. Dan ben je verloren!’ sprak hij dwingend. Ik had koorts, maar ik was helder genoeg van geest om hem te kunnen volgen. ‘ Ik heb niets misdaan,’ zuchtte ik. De oude man keek me loerend aan. Ik werd bang van zijn blik. Hij leek dwars door me heen te kijken. ‘Ben jij niet naar de Heilige Grond geweest?’ vroeg hij zachtjes. Ik wilde ontkennen.

‘Als je echt beter wilt worden, moet je me de waarheid vertellen,’ sprak de oude. ‘Ja …. Ik ben er geweest,’ gaf ik met tegenzin toe. De Bonuman zuchtte. De kwaadheid verdween van zijn gelaat. Hij veranderde in een wijze, Creoolse man. ‘Je hebt daar iets gedaan, niet?’ vroeg hij met gesloten ogen. Ik besefte dat ontkennen geen zin had.
‘Mijn buik deed pijn,’ zei ik aarzelend. ‘Toen heb je daar je behoefte gedaan,’ vulde hij mijn verhaal aan. Ik knikte beschaamd. Ik verwonderde me niet over het feit dat hij alles al wist. Daarvoor was hij per slot van rekening een Bonuman. Hij kreeg zijn kennis door van de geesten.

‘Dat had je daar niet mogen doen,’ sprak hij, ‘want je hebt mama Aisa beledigd! Alles op aarde is bezield door God. Dus ook de aarde. Gado de na gron (God is ook in de aarde aanwezig)! Die Goddelijke kracht noemen we moeder Aisa! Wij leven op moeder Aisa, we leven van haar, ze zorgt voor ons, ze geeft ons alles. Daarom moeten we sommige plekjes voor haar reserveren en met rust laten. Daarmee tonen we eerbied en respect voor haar. Jij hebt een belangrijk verbod genegeerd.

Je hebt geen eerbied getoond voor haar. Daarom heeft ze één van haar wezens gestuurd om je te straffen! Maak je geen zorgen. Ik maak je beter. Moeder Aisa is vergevingsgezind. Maar je moet beloven je leven te beteren en moeder Aisa te respecteren!’ Ik knikte. De statige, oude man verliet mijn slaapkamer. Ik hoorde hem buiten met mijn ouders praten. Dezelfde dag onderging ik een zogenaamde wasi, een ritueel bad.

Hierbij werd als het ware alle kwaad dat mij omringde en alle negatieve energieën, die bezit van mijn lichaam hadden genomen, van en uit mijn lichaam gewassen. Ik kreeg ook voedsel te eten, dat door de Bonuman was bereid. Toen de avond viel, was ik helemaal opgeknapt. Ik werd niet meer achtervolgd door nachtmerries, of verschijningen van de slang.

Van mijn ouders kreeg ik een stevige reprimande. Ik zal je één ding toevertrouwen: ik heb nooit meer een voet gezet op de Heilige Grond. Ik ben na die gebeurtenis ook qua karakter veranderd. Niet dat ik een heilige ben geworden hoor! Ik ben nog steeds opstandig en koppig, maar minder!

🌺Dit verhaal is mij verteld door H.S.

⭐️= Het verhaal is geplaatst zoals die ontvangen is.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.