🟪 Ingezonden door: C.V
⚜️DE OUDE JAVAANSE MAN⚜️
———————————
Hallo iedereen van OST, Ik wil een verhaal delen, wat ik als 12 jarige heb meegemaakt. Geen spuku torie maar toch paranormaal.
Ik heb vanaf m’n 6e tot m’n 21e in een hele bekende volksbuurt gewoond en een heel merkwaardig voorval is mij altijd bij gebleven. Ik was 12 jaar oud zat in de 1e MULO en wat ik mij nog herinnerde, was het heel erg heet die dag. Ik was alleen in huis en mijn broers waren met de buurjongens aan het voetballen voor ons huis. Ik zat binnen vanuit het raam naar ze te kijken. Op een gegeven moment zag ik een oude javaanse man komen aansjokken.
Hij leek heel erg vermoeid, waarschijnlijk door het weer want de zon scheen erg fel. Hij kwam de inham inlopen terwijl de jongens druk met de bal bezig waren. Het leek alsof ze hem niet eens zagen. Hij stopte voor onze poort met zijn rug naar mij toe, kijkend hoe de jongens aan het spelen waren. Nog steeds scheen geen van de jongens hem te zien. Dit bevreemdde mij dus liep ik naar buiten, liep naar de poort en zei “dag opa .. waar moet u heen? De zon is fel he?!”.
Hij zei “ja, ik moet naar zo een persoon …”, hij noemde de naam van diegene die hij zocht. “Mag ik glas water van jou, want deze zon doet met mij” vroeg hij me. Ik zei “ja, degene die u zoekt ken ik inderdaad, de familie woont hier verderop in de straat. Kom even binnen zitten onder het afdakje, want anders maakt de zon u straks nog af. Ik haal dan even wat koud water voor u”. Hij kwam het erf op en ging op een bankje zitten onder het afdakje .
Ik ging naar binnen, pakte een groot glas met koudwater uit de koelkast voor hem. Ik gaf die oude man het glas water en hij glimlachte vriendelijk naar me.
“Dankjewel, dit doet mij echt goed” zei hij dankbaar. Wij hebben nog enkele minuutjes zitten babbelen over ditjes en datjes. Hij vroeg hoe ik het deed op school, als ik goede cijfers haalde. Hij toonde interesse en zij dat ik mijn best diende te doen om mijn ouders trots te maken. Ik zei trots dat ik alleen mooie cijfers behaalde. Hij zei “mooi zo, houden zo!”.
Op een gegeven moment zei hij tegen me “ik weet dat jou familie niet van je houdt. Jij bent niet echt hun lievelingetje en dat voel jij ook natuurlijk. Vanaf yu loes’ watra yu e kreey. Je bent een mooi meisje met een goed hart. je gaat een goed leven hebben, maar je gaat eerst door een diep dal moeten gaan, er zullen vele tegenslagen op jouw pad komen. Maar jij bent sterk, hebt wilskracht en je zal eruit komen. Geef dus nooit op, geloof mij …. Alles komt goed met jou en jouw gezin. Je gaat me weer zien en ik zal je helpen!”.
Dat alles zei hij in het Javaans. Ik verstond de javaanse taal als kind wel, maar kon het alleen niet goed Javaans praten. Ik sprak daarom Nederlands tegen hem en hij antwoordde gewoon in het Javaans. Na ongeveer 10 minuutjes gesproken te hebben, stond hij op en zei “zo… ik moet nu echt verder!”.
Ik zei “ik loop met u mee tot de hoek van de straat”. Toen we wegliepen riep één van jongens “Heeyy Sandra, waar ga je heen met die opa?”. Ik antwoordde hij moet naar die en die persoon. Mijn broers keken me na en zeiden niks. Toen ik terug keerde zei éénn van mijn broers “zomaar laat je die opa op het erf komen… ik ga pa vertellen yo kies fong fong, wacht maar!”. Ik zei niks en ging rustig binnen een boek lezen .
Toen mijn ouders thuiskwamen was het eerste wat mijn broer tegen m’n vader zei “pa, Sandra heeft een oude man op het erf laten komen”. Mijn vader begon gelijk te schreeuwen tegen me & vroeg waarom ik dat gedaan heb. Ik antwoordde “die opa was moe en ik heb hem water gegeven om af te koelen. Hij moest naar die mensen verder op in de straat en ik heb hem gewezen waar hij moest zijn”. Ik had gehoopt dat mijn vader wel zou begrijpen dat ik alleen hulpvaardig wilde zijn.
Hij zag het anders en kreeg een pak rammel van zo heb je mij niet. Ik zat echt onder de blauwe plekken .. ik heb geen kik gegeven, want ik was al gewend pakslaag te krijgen. En deze keer was het om zo een onschuldige reden als een glas water aan een bejaarde man aanbieden.
Mijn paps ging gelijk naar die mensen verder in de straat om te vragen als er een oude man bij hun langs geweest was. Die zeiden op hun beurt dat niemand bij hun geweest was. M’n vader kwam weer kwaad thuis en begon te schelden tegen me. Dat ik zomaar mensen water geef en op ons erf toe liet. Hij vroeg mij als mijn hoofd wel in orde was. “Misschien was het een geest of slechte entiteit en dan laat jij het gewoon op ons erf binnen komen. Zo breng je ons allemaal in gevaar” zei hij woedend.
“Hoe had ik dat moeten weten? Ik wist alleen dat er iemand mij om een glas water vroeg en dat wilde ik niet weigeren vanwege het snikhete weer. En een glas water mag toch geen probleem zijn, dacht ik. Trouwens wat mijn vader zei kon niet waar zijn, dat die oude man een geest was want hij had het water netjes opgedronken. Geesten drinken toch niet als normale mensen? Ze zouden niet eens in staat zijn zoiets te doen. Ik heb ook een stukje gelopen met hem en hij zag er gewoon uit als ieder ander.
Ik dacht niet meer aan die opa en ging verder met m’n leven
Ik kreeg toen verkering op mijn 18e. Ik zat toen op het IMEAO en hij op de universiteit . We waren smoor verliefd op elkaar maar onze relatie werd niet geaccepteerd door onze Familie. Niet door de mijne en ook niet door de zijne. We waren al zat van al dat geroddel en tegenwerking van zijn Familie en de mishandelingen van mijn vader. En op mijn 21e zijn wij naar Nederland gevlucht .
We kregen 2 kinderen en leefden rustig en gelukkig. Op een avond kwam mijn dochtertje naar me toe en zei “mam, er is een opa in m’n slaapkamer. Ik zei toen “wacht ik ga kijken of hij er nog is”. Ik ging haar kamer binnen en m’n dochter zei “hij zit daar op de vloer”. Ze wees met haar vinger en ik liep naar de plek en zei rustig “ik weet niet wie of wat je bent, maar dit is mijn huis en jij hebt hier helemaal niks te zoeken. If yu koong fu du takroe sani djaso, ie kan’ mars gwe!”. Ik heb toen gebeden. En mijn dochter zei “hij is verdwenen mama”.
Die avond droomde ik dat ik met mijn man en kinderen ergens heen moest. We liepen over een weg en het was hartstikke heet. Zo liepen we in de hete zon en plotseling zag ik een kraampje verderop langs de weg. We kwamen daar aan en ik zag die oude javaanse man daar drank verkopen. De zelfde oude man die ik als 12 jarige een glas water gaf. Hij vroeg me waar we naar toe gingen. Ik keek in de verte en zag de wolkenkrabbers van een stad en ik zei “kijk, daar moeten we heen”.
Hij zei “rusten jullie hier even uit, de zon is fel”. We stonden in de schaduw en toen we uitgerust waren zei m’n man dat we maar weer verder moesten. Die opa zei tegen mij “je moet de andere weg nemen deze weg is niet goed, het zit vol gaten”. Hij wees mij met zijn vinger een andere richting op en zei “nee, neem liever deze weg, het zal want langer duren voordat jullie aankomen op jullie bestemming maar het is allemaal goed, dus wees gerust”.
Opa gaf ons een glas dawet om te drinken. Toen we allemaal gedronken hadden en de opa netjes bedankt hebben vervolgden we onze weg. We gingen de weg op die de Javaanse opa ons wees en wij kwamen aan in de grote stad ..
Ik schrok wakker na deze droom en dacht gelijk aan de ontmoeting als 12 jarig meisje met deze zelfde oude javaanse man. En nu was deze opa ineens in mijn droom. Wat zou dit allemaal betekenen, vroeg ik me zelf af. Wie was hij? Wat wilde hij? Wilde hij mij een boodschap geven of iets duidelijk maken?
Dit alles bleef mij bezig houden en ik kon maar niet ontdekken wat hij van mij wilde of wat hij mij wilde vertellen. Ik ben namelijk erg slecht in uitpuzzelen van dit soort geheimzinnige boodschappen. Na deze droom kreeg ik een sterke ingeving om al mijn doelen op een papier neer te pennen. Ik weet zelf niet waarom, maar ik deed het gewoon. Mijn lijstje ging als volgt:
“voor mijn 35ste jaardag wil ik dit bereikt hebben:
- Goed betaalde vaste baan.
- Rijbewijs behaald hebben.
- Eigen koop woning.
- Veel geld op mijn bankrekening hebben”
Ik heb het papiertje in mijn dagboek bewaard! Daarna nooit meer eraan gedacht tot ik het papiertje kort geleden weer terug gevonden heb.
En u gelooft het of niet …..
Alles wat ik daar geschreven had op mijn lijstje heb ik ook daadwerkelijk bereikt voor mijn 35ste jaardag. Maar dit is niet zonder slag of stoot gegaan, ik heb vreselijke harde tijden gekend en heb in diepe donkere dalen gezeten alvorens ik gekomen ben waar ik nu ben. Maar ik heb nooit opgegeven en bleef vechten voor datgene waarin ik geloofde. Ik bleef geloven dat er na regen ook zonneschijn zou volgen.
En ja hoor ….
Op m’n 26e kreeg een fantastische baan bij de gemeente waarin ik woon, behaalde m’n rijbewijs en paar jaren later kochten we ons eigen woning & ik won een mooi bedrag van de Nederlandse Staatsloterij. Mijn bankrekening is dus hartstikke blij, i am truly blessed. Ik voel mij gelukkig, ook met mijn gezondheid en gezin gaat het prima.
En nu ik terug kijk …..
denk ik dat het een engel geweest moet zijn, die zich in de gedaante van de oude javaanse man liet zien aan mij. Ik weet niet als hij de weg van geluk voor mij geplaveid heeft of als hij slechts de toekomst voorspelde, maar hij heeft er vast wel iets mee te maken dat ik nu ben waar ik ben. Ik ben hem zeer dankbaar voor dit leven wat ik nu heb.
Daarom zeg ik altijd “Wees goed tegen een ieder die je tegen komt, want wie goed doet die goed ontmoet”. Een vriendelijk woord, een aardig gebaar, een luisterend oor en zelf een glaasje koud water, kan een wereld van verschil maken voor een ander in nood.
Misschien kan zo een gebaar zelf jouw eigen leven veranderen, want je weet tenslotte nooit wat/ wie degene is...
⭐️⭐️= Het verhaal is 75% herschreven door de OST beheerder Yvanna Hilton
Reactie plaatsen
Reacties