🟨 Ingezonden door: NAINA
⚜️COLA KREEK: HET JONGETJE DAAR⚜️
————————
Hallo Trouwe OST leden, Een paar jaren terug was mijn zoon net een jaar oud geworden, toen 1 van zijn tantes jarig zou worden. Omdat ze thuis geen feest wilde hebben besloten ze het buiten de stad te vieren. Via een kennis van haar man konden ze een huisje op Cola kreek huren.
Ik was niet zo blij hiermee omdat ik niet op Cola kreek wilde overnachten, maar iedereen ging, en je weet dan blijven ze dwingen en steeds vragen of we ook gezellig meekomen want mijn man is hun enige broer en ze willen hem overal erbij hebben. In zulke gevallen laat ik de beslissing dan over aan mijn man. Hij weet dat ik dingen aanvoel, maar hij voelt ook wel aan als er gevaar dreigt. Dus dan doe ik een dubbelcheck met hem, en als hij zegt dat het is ok, dan doe ik het wel.
Over overnachten zei hij, dat hij de plek niet kende, maar zijn moeder zei het is een huis met slaapkamers boven en een keuken beneden. Dus mijn jongen kon veilig boven in de slaapkamer slapen. Daarom besloten we uiteindelijk te gaan. Mijn broer ging mee met ons. Zo voelde ik mij veel veiliger dan normaal. Ik kreeg wel nog steeds ‘’bad vibes’’ over het huis, maar negeerde dat sterk. Ik trof genoeg maatregelen om ons goed te beschermen, vooral de kleine. Ik troostte me dat bijna zijn hele familie daar aanwezig zou zijn dus het was ok.
Wel had ik 1 voorwaarde, dat niemand anders met ons mee reed en wij met niemand anders meereden. Dit weet mijn man ook van mij. Want als er iets is moet ik anytime weg kunnen gaan van de plek. Deze verstandhouding hebben wij wel. Dus als er iets niet goed was, zouden wij niet afhankelijk van anderen zijn om weg te gaan, en hoefde ook niemand anders tegen zijn/haar wil eerder terug omdat wij eerder teruggingen.
Wij konden vrijdag pas na het werk weg. Alle voorbereidingen enz. namen wat tijd in beslag dus wij gingen pas om 7u uit huis. Het verkeer was niet zo druk dus we waren al gauw op de weg van Cola kreek. Dit huis lag niet op Cola kreek zelfs, maar wij moesten omrijden. Het lag aan de ander kant van de kreek. In het donker had ik echt geen idee waar we waren of waar we naar toe reden en in het donker waren we al gauw verdwaald. Gelukkig kent mijn man het binnenland vrij goed, hij heeft vaak op de wegen daar gewerkt en hij weet altijd hoe en waar hij moet rijden. Maar als je voor het eerst ergens naar toe gaat, en je krijgt helemaal geen instructies van waar het huis precies ligt, dan ga je natuurlijk verdwalen.
Ik baalde erg van al het rondrijden. Het was helemaal niet leuk want overal was pikdonker en je zag niks. Na veel heen en weer bellen en wat extra uitleg en hier en daar keren kwamen we uiteindelijk aan op de plek van bestemming. Toen ik uitstapte zag ik een vreselijk oud huis en een kleine gloeilamp branden. De rest zag er erg donker uit. Er ging meteen een rilling door mij heen. Eerlijk gezegd leek dit niets op de beschrijving die men aan ons gegeven had over het huis. Ik verwachtte een groot stenen huis dat wat modern was en voorzien was van alle gemakken.
Nu leek het alsof ik terug was in de ouwe tijd. Ik was diep teleurgesteld, maar liet er niets van merken. Ik vind het niet leuk om in ouwe gebouwen te zijn want de hele geschiedenis komt soms af op mij. Ik negeerde dit gevoel en liep verder naar binnen. Het was wel erg ruim onder het huis. En ik zag mijn schoonmoeder en haar zussen daar liggen op matrassen, enkelen hadden ook hangmatten hier en daar gebonden. Ik vroeg of iedereen daarbeneden zou slapen, en ze zeiden:’ nee, iedereen met kinderen en oma kan boven gaan slapen’. Er waren meerdere slaapkamers in het huis, maar alleen 1 was ter beschikking van ons.
Ze zeiden steeds dat ik even een kijkje kon gaan nemen, maar ik stelde het steeds uit. Ik had helemaal geen zin om naar boven te gaan. Ik had eigenlijk wel door waarom, maar ik negeerde het. We zaten dus de hele tijd beneden met z’n allen, maar je weet een baby kan zijn slaap niet lang inhouden, al hoeveel hij ook geslapen heeft en al hoeveel familieleden hij ziet. Als hij moet slapen dan gaat ie slapen, en mijn jongen was niet gewend om tussen mensen in slaap te vallen of in een hangmat ofzo. Hij moest lekker in bed liggen, dan pas sliep hij goed. Ik kon naar boven gaan niet langer meer uitstellen en riep mijn man om mee te komen om alles boven te regelen enz. De andere kids (3 jongens) waren een stuk ouder en ze mochten gewoon opblijven totdat ze slaap hadden. Dus die speelden nog lekker.
Boven aangekomen was alles zo vuil. Ik kan daar helemaal niet tegen. Er was een oud vuil matras waarop wij moesten slapen. Ik dankte god dat ik tenminste mijn eigen beddengoed meegenomen had. Mijn man regelde alles en ik liep intussen rond met m’n zoon. Ik liet hem een beetje wennen aan de omgeving en probeerde hem stil te krijgen, want hij was begonnen met huilen sinds we de trap opgeklommen waren. Hij werd maar niet stil. Huilde aan 1 stuk door. En ik raakte geïrriteerd.
Ik dacht als dit ontspannen buiten de stad is, op zo een manier, dan hoeft het voor mij niet. Dan blijf ik liever thuis met de kleine. Ik zei het ook een paar keer tegen m’n man. Hij raakte wat door mij geïrriteerd en zei probeer die kleine te laten slapen en dan kan je weer naar beneden komen. Ik keek hem met grote ogen aan. Ik zei:’’ ben je nou gek?! Hem hier alleen in deze enge, vuile kamer laten? Dan liever slaap ik in de auto met hem’’. Toen zei m’n man:’ dan blijf je maar bij hem. Ik ga weer naar beneden’. Hij had zijn neven gevonden dus ze hadden het al gezellig onderling en ik mocht letterlijk stikken.
Mijn jongen huilde gewoon aan 1 stuk door en ik was nu een beetje boos, dat ik moederziel alleen met hem zat terwijl iedereen beneden aan het genieten was. Ik pakte hem op en liep naar beneden. Ik zei:’’ jullie hebben het gezellig, mijn zoon wilt waarschijnlijk meedoen, want hij wilt helemaal niet beven blijven en al z’n slaap lijkt verdwenen te zijn’’. En hij werd meteen overgenomen door zijn tantes en oma.
Ik ging eindelijk wat eten en de omgeving bekijken. Een paar meters van het huis afgelegen was er een cabana. Dat was wel nieuw, maar de anderen hadden het zich al toegeëigend en er was geen plek voor mij. De heren zaten daar gezellig te kaarten en ik ging even kijken. Nog enkele meters van de cabana vandaan was het water (de kreek). Terwijl iedereen zo gezellig aan het kaarten en borrelen was, was ik al echt uit de mood. Ik was moe en nog een beetje boos (maar dat kwam omdat al de entiteiten daar een zware druk voor mijn vormden) die drukte hinderde me echt en ik liep weg richting water.
Toen mijn schoonzussen mij richting water zagen lopen gilden ze nog:’’ je mag niet gaan zwemmen hoor. Pas morgenochtend mag dat weer’’. Ik ze:’’ ja, is goed. Ik ga gewoon langs het water staan’’. Iets leek in mijn oren te fluisteren. Ik kon niet verstaan wat er gezegd werd omdat er te veel stemmen en gedachten door elkaar waren, maar het leek erop alsof de plek met mij sprak. Ik werd gewoon richting het water aangetrokken.
Ik had gewoon zin om mezelf lekker in het water te laten zakken. Natuurlijk ga ik niet op elk impuls af, en ik stond vanuit de poort te kijken rond mij. Let wel, overal was donker en de maan scheen, dus je weet dat je niet veel kon zien, maar toch voelde ik gewoon de aanwezigheid van zoveel dingen. Ik stond gewoon als gebiologeerd rond te kijken. Toen hoorde ik mijn jongen. Hij had nu wel echt veel slaap en deze keer besloot mijn man mee te gaan naar boven.
Inmiddels sliepen de andere 3 jongetjes ook al. Oma besloot samen met ons naar boven te gaan. Zij ging bij 1 van de jongens liggen en wij naast hun op een matras. Mijn jongen huilde weer, maar ik denk dat hij te veel slaap had dus hij viel gauw in slaap. Mijn man fluisterde dat hij zomaar meegekomen was aangezien die jongen al sliep. Hij besloot weer naar beneden te gaan om zich bij de rest in de cabana aan te sluiten en vroeg of ik mee ging. Ik zei:’’ nee ik ben moe en ik ga ook slapen’’. Ik was helemaal niet moe. Ik voelde gewoon de aanwezigheid van zoveel dingen dat ik mijn jongen niet alleen wilde laten. Nadat m’n man weg was lag ik gewoon, het licht in de slaapkamer was uit maar die van de voorkamer was aan. De deur was op een kier en er stroomde dus een beetje licht naar binnen.
Ineens leek de deur een beetje open te gaan. Fronsend keek ik wie er kwam storen, maar dacht tegelijk ook dat deze heel zachtjes gelopen had omdat ik helemaal geen voetstappen gehoord had. Noch op de trap, noch op de gang. Ook zag ik niemand in de kamer verschijnen en ik dacht dat de deur misschien gewoon een beetje verder openging. Aangezien ik helemaal geen slaap had, pakte ik mijn mobiel en ging spelletjes spelen.
Uit mijn ooghoek zag ik ineens 1 van de jongetjes in de deuropening staan. Ik sprong op omdat ik dacht dat het jongetje slaapwandelde. U weet op een nieuwe plek slapen kinderen meestal onrustig, dus ik dacht het, kleine mannetje liep zeker naar ’t toilet ofzo. En straks zou hij omlaag vallen van de trap. Ik sprong op en rende naar buiten. Ik zorgde wel dat ik op mijn tenen rende zodat de rest ook niet wakker zouden worden, want 4 huilende jongetjes zou ik echt niet aan kunnen.
Buiten aangekomen zag ik geen enkel jongetje in de hal. Het was niet erg groot, dus of het jongetje zou in 1 van de slaapkamers zijn gelopen, of hij was al bezig de trap af te gaan. Ik rende meteen naar de trap, maar zag hem niet. Ik dacht oh, gelukkig. Het was raar dat ik hem helemaal nergens hoorde lopen. De andere deuren waren gesloten en de lichten waren uit, dus het jongetje kon onmogelijk in 1 van de andere slaapkamers zijn. Ik vond het raar waar dit jongetje nou zou kunnen zitten en liep terug naar onze slaapkamer.
Ik deed het licht aan om beter te kunnen zien welke van de jongetjes ontbrak, maar…alle 4 sliepen rustig. Oma was wakker geworden van mijn geloop en vroeg zachtjes wat er aan de hand was. Ik zei:’’ niets, ik heb het een beetje warm. Gaat u maar verder slapen. Ik ga ook slapen nu’’. Ik deed ’t licht uit en ging weer naast mijn zoontje liggen. Ik kon de slaap moeilijk vatten omdat ik nooit op de grond kan slapen. Ik moet altijd in een bed liggen, maar ik wilde die arme oma niet op de grond laten liggen, dus bleef ik maar draaien.
Uiteindelijk viel ik toch in slaap. Ik weet niet hoe lang ik geslapen had toen ik 1 van de jongetjes hoorde gillen. Ik opende mijn ogen, en keek meteen in de deuropening, omdat er alleen daar licht was, en zag weer 1 van de jongetjes wegrennen. Ik sprong meteen op en maakte deze keer eerst ’t licht aan. Ik keek naar de jongetjes en zag dat ze allemaal op hun plek lagen alleen huilde 1 van ze. Ik ging bij hem zitten en troostte hem. De jongens waren zo uitgeput dat de anderen niet wakker werden van het gehuil.
Deze deed niet eens z’n ogen open, maar huilde wel met gesloten ogen. Ik sprak rustig tot hem en tikte op z’n rug tot hij weer insliep. Terwijl ik zo bij hem lag dacht ik of ik 2 keer verkeerd gezien kon hebben. Ik besloot om op te letten. Iemand of iets was hinderlijk aan het doen en ik zou kijken wie dat was. Oma was natuurlijk weer wakker geworden en ik zei tegen haar dat het mij wel lukte en dat zij gewoon rustig verder kon slapen. Ik deed het licht uit en ging weer bij m’n jongen liggen. Wij lagen zodanig dat ik de deuropening goed in de gaten kon houden. En ik bleef naar de deuropening kijken. Dit was erg saai en na een tijdje viel ik toch weer in slaap.
Ineens hoorde ik 1 van de andere jongens geluidjes maken. Alsof iemand hem probeerde wakker te maken, maar hij wilde niet. Hij bleef maar tegenstribbelen. Ik had al door wat er aan de hand was en ik maakte een luide tjoerie. Meteen hield het op. Ik dacht nee dit wordt een lange avond op zo een manier en besloot niet meer te slapen. Nu zou ik gewoon onderzoeken wat er gaande was en het oplossen. Ik legde mijn arm boven mijn ogen, maar gluurde van onderen.
Ik lag heel stil en keek wat er gebeuren zou. Ik had mij wel ervan verzekerd of alle jongetjes op hun plek lagen, en dit bleek wel het geval te zijn. Ineens zag ik weer ‘iets’ in de deuropening verschijnen. Ik lag nog stil en keek alleen. Ik zag een klein jongetje in witte kleding naar binnen gluren. Hij deed heel voorzichtig en keek in mijn richting. Ik maakte geen enkel beweging en hierdoor raakte hij zelfverzekerd denk ik want hij liep de kamer binnen. Hij liep tussen de 2 jongetjes en ging daar zitten.
Hij keek nu niet meer naar mij, ik denk dat hij er zeker van was dat ik sliep. Ik keek het nog even aan, maar al gauw vond ik het eng, want ik wist niet wat het ‘jongetje’ daar tussen de andere 2 deed, ik besloot om mij gewoon even te bewegen. Ik bewoog mijn benen even en vliegensvlug rende ‘het jongetje’ de kamer uit. Maar gelijk begon 1 van de jongetjes waar ‘het jongetje’ gezeten had te huilen. Ik stond gauw op en suste hem. Ik wilde niet dat oma wakker zou worden, anders zou ze mijn proces langer ophouden.
Toen de kleine weer sliep liep ik weer rustig naar buiten. Het licht in de voorkamer was zo fel dat ik even moest knipperen met m’n ogen. Ik keek weer rond en zag niemand. Ik had ook niet verwacht ‘iemand’ te zien. Ik liep gewoon rond, keek even uit de ramen. In de verte zag ik de rest van de groep lekker chillen in de cabana. Ik dacht ja genieten jullie maar en niemand weet wat er hier afspeelt. Ik ging terug naar de slaapkamer en lag deze keer zodanig dat ik gauw kon opstaan wanneer ‘het jongetje’ weer verscheen.
Het wachten duurde niet lang. Zolang ik geen geluidjes maakte, kwam ‘meneertje’ al opduiken. Ik zag hem weer gluren en daarna de slaapkamer binnen lopen. Ik wachtte even tot hij dichtbij genoeg was en sprong toen op. ‘Hij’ schrok en rende weg, en ik erachteraan. Ik zag ‘hem’ net in de kamer naast dat van ons verdwijnen. Toen ik de deur open probeerde te maken bleek die op slot te zitten. Nu ik al wist van waar hij kwam kon ik beginnen. Ik begon eerst bij mijn jongen, alhoewel ik het al eerder gedaan had deed ik het weer.
Ik las mijn gebeden op en blies over hem heen. Ik kende een krachtig gebed en dit werkt altijd bij mijn jongen, dus deed ik het ook bij de andere jongetjes. Nadat ik klaar was met hun liep ik zachtjes rond in de kamer en bad en blies in het rond. Ik deed het in alle hoeken en gewoon door de hele kamer. Ik deed ook een mofo taki. Daarna ging ik naar buiten en stond voor de gesloten deur van ‘het jongetje’. Ik bad en blies op de deur en sprak daarna tot hem. Aarzelend kwam hij tevoorschijn. Ik was niet bang voor ‘’hem’’ want ik had al door dat dit geen kwade geest was.
Hij was gewoon nieuwsgierig en kwam de andere jongetjes vervelen. Waarschijnlijk wilde hij gewoon spelen. Ik besloot om met ‘’hem’’ te communiceren en legde uit dat ik wist dat hij alleen en verdrietig was, maar hij mocht absoluut niet in onze slaapkamer komen. Ik kon zijn verdriet aanvoelen. Hij leek verdwaald te zijn. Niet te weten wat hij daar deed of hoe hij daar beland was. Ook wilde hij graag naar zijn ouders toe gaan. Ik legde hem uit dat wij zijn ouders niet kenden. En hij moest maar zelf gaan zoeken.
Hij zei dat hij bang was om uit ’t huis te gaan want ‘’de dingen van daar’’ wilden niet dat hij weg moest gaan. Ik wist wel wat hij bedoelde, en ik vroeg niks over welke ‘’dingen’’ hij bedoelde. Ik zei hem als hij bang is om zelf te gaan zoeken, dan moet hij maar in zijn slaapkamer blijven en wachten tot zijn mama en papa zelf naar daar kwamen, dan kon hij weer terug met hun. De jongen was erg verdrietig en ik had echt te doen met hem, maar ik ken mijn grenzen van het moederschap. Ik ging niet een geesten jongetje adopteren dacht ik bij mezelf.
Nu begon ik heel streng te praten. Ik zei je gaat nu ook rusten in je kamer en je laat ons allemaal met rust. Morgen gaan we allemaal weg en jij blijft tot dan in je kamer. Ik ga hier wat zetten en als je probeert om eruit te komen ga je branden en dat wil je toch niet. Pas wanneer we weg zijn mag je eruit. Hij keek mij nog even verdrietig aan en trok zich terug in de slaapkamer. Ik liep achteruit, terug in onze slaapkamer en ging weer liggen. Ik begon toen weer te bidden en viel zo in slaap.
De avond verliep rustig verder en de volgende ochtend werd ik gewekt door het gekraai van drie jongetjes. Mijn eigen zoon werd ook wakker van en kroop naar zijn neven. Samen waren ze aan het rollebollen. Ik was blij te zien dat alle vier het goed maakten. Ergens voelde ik wel een beetje verdriet. Ik wist dat er een bang jongetje hier vast zat die misschien nooit weg zou kunnen gaan. Hij zou zeker niet opgroeien en dezelfde kansen hebben als onze kinderen. Dat raakte mij ergens toch.
Voordat wij die dag weg gingen bleef ik even achter boven. Ik zei zogenaamd dat ik iets niet kon vinden en even ging zoeken. Ik maakte gauw contact met ‘het jongetje’ en zei dat wij weg gingen. Hij mocht nu weer uit de slaapkamer maar zou nog daar blijven en wachten tot zijn ouders kwamen zoals we hadden afgesproken. Ik zei tegen hem dat ik het erg vond om hem alleen achter te laten, maar hij kon niet mee met ons. Ik zou altijd aan hem terug zou denken. Ik kon hem niet helpen naar het licht toe. Er waren te veel blokkades daar en die jongen zat helemaal in de knoop. Het gaat nog even duren denk ik voordat hij weg kan gaan. Of misschien zelfs nooit meer.
Een paar weken geleden zei de man van mijn schoonzus dat hij lang niet buiten de stad geweest was. Hij zou kijken of hij weer ‘dat huis’ op Cola kreek kon regelen waar wij al eens gelogeerd hadden, dan zouden we weer daar gaan overnachten. Ik zei:’’ nee bedankt, maar ik heb het op dit moment te druk’’. Later zei ik tegen mijn man, dat ik daar echt nooit meer terug zou gaan he!
🌺Bedankt voor het willen lezen.
⭐️= Het verhaal is geplaatst zoals die ontvangen is
Reactie plaatsen
Reacties